Aktion Reinhard

Migratie of uitroeiing?

Alhoewel de emigratie van Joden naar landen buiten de Duitse invloedsfeer, mede onder invloed van de oorlog, vrijwel tot stilstand was gekomen en ook het plan om Joden te laten emigreren naar een apart reservaat in het Generalgouvernement wegens logistieke problemen was gestaakt, had men in 1940 het plan om de Joden te laten emigreren nog niet opgegeven. In een memorandum schreef Himmler dat “[hij hoopte] te verwezenlijken dat door middel van een grootscheepse evacuatie van alle Joden naar Afrika of een andere kolonie het begrip ‘Joden’ volledig geëlimineerd zal zijn.” Merkwaardig genoeg had hij in hetzelfde memorandum “de bolsjewistische methode van fysieke uitroeiing” (van niet-Joodse Polen) als “on-Duits en onmogelijk” bestempeld. Zelfs in dit stadium werd de fysieke uitroeiing van Joden vermoedelijk dus nog niet serieus overwogen, alhoewel men zich nauwelijks bekommerde om de hoge sterftecijfers van de Joden in getto’s en concentratiekampen.

In 1940 verliep de oorlog voor Duitsland gunstig. In april 1940 viel de Wehrmacht Denemarken en Noorwegen binnen, een maand later Luxemburg, Nederland, België en Frankrijk. In mei en juni capituleerden deze landen en werden ze door de Duitsers bezet. Met betrekking tot de plannen om Joden naar een gebied in Afrika te laten emigreren, was de verovering van Frankrijk voor de nazi’s van belang. Frankrijk had namelijk de koloniale macht over Madagaskar, een land dat na de Eerste Wereldoorlog ook al door Britse, Nederlandse en Poolse antisemieten was genoemd als geschikte locatie voor een Joods reservaat. Het zogenaamde Madagascar-plan werd enige tijd serieus overwogen, maar de uitvoering vereiste de overheersing op zee en die was nog altijd in handen van de Britse marine. De Slag om Engeland werd niet gewonnen door de Duitsers en de oorlog duurde voort. Het Madagascar-plan werd definitief van tafel geschoven en moest er gezocht worden naar een andere oplossing voor het Joodse vraagstuk. Doordat Duitsland inmiddels het overgrote deel van het Europese continent overheerste, was dit vraagstuk alleen maar veeleisender geworden, omdat ook de Joden uit de nieuw veroverde gebieden, waaronder Nederland en België, verwijderd moesten worden.

Eén van de belangrijkste wendingen in de strategie van de aanpak van de Joodse kwestie vond plaatst gedurende de eerste maanden van operatie Barbarossa, de Duitse inval in de Sovjet-Unie. Onder aanvoering van Reinhard Heydrich, de leider van het Reichssicherheitshauptamt (RSHA), waren vier Einsatzgruppen gevormd die het oprukkende leger moesten volgen om vijanden van het Rijk, zoals Sovjetcommissarissen, Joden in partij- en staatsinstellingen, plunderaars en partizanen op te sporen en te doden. De beoogde doelwitten van de Einsatzgruppen waren dusdanig geformuleerd dat lokale commandanten zeer ruim konden interpreteren wie wel of wie niet gedood diende te worden. Volwassen mannelijke Joden vormden direct een belangrijk doelwit van de Einsatzgruppen, omdat zij werden beschouwd als staatsvijanden. Toen Himmler in juli 1941 het bevel gaf dat “allen die van steun aan de partizanen worden verdacht, geëxecuteerd [moeten] worden” en dat “Joden […] in het algemeen als plunderaars [moeten] worden beschouwd” werden de grenzen voor de Einsatzgruppen nog verder vervaagd. Alhoewel men in het begin enkel volwassen mannelijke Joden ombracht, ging men al snel ook over tot het vermoorden van volwassen Joodse vrouwen. Ofschoon er geen uitdrukkelijk bevel toe gegeven werd, werden vervolgens ook Joodse kinderen en bejaarden uitgeroeid door de Einsatzgruppen, hoogst waarschijnlijk omdat men niet wist wat men anders moest met deze leeftijdsgroepen die afhankelijk waren van de zorg van de volwassen mannen en vrouwen die omgebracht waren.

Terwijl de Einsatzgruppen aan het Oostfront hun moorddadige operatie uitvoerden, werd de situatie voor de Joden in de getto’s in Polen alsmaar slechter. Alhoewel de getto’s allemaal overvol waren, arriveerden nog steeds nieuwe treinladingen Joden. Omdat men het Duitse Rijk ‘Judenrein’ (vrij van Joden) wilde hebben, was men in oktober 1941 opnieuw begonnen met het deporteren van Joden vanuit Duitsland. De Joden werden ondergebracht in de getto’s in Polen en de veroverde gebieden van de Sovjet-Unie. Tussen oktober 1941 en februari 1942 werden hierheen in totaal 58.000 Joden gedeporteerd. Steeds vaker maakten lokale nazi-autoriteiten duidelijk dat de getto’s overvol raakten en dat men opgescheept zat met grote aantallen arbeidsongeschikte Joden. SS-Brigadeführer Friedrich Uebelhoer, Regierungspräsident in Lodz schreef bijvoorbeeld in een brief van 9 oktober 1941 aan Berlijn dat in zijn getto momenteel 100.000 arbeidsongeschikte Joden verbleven, tegenover 40.000 arbeidsgeschikte Joden die verbleven in een apart arbeidsgetto. Hij benadrukte dat de oppervlakte van het getto hiervoor veel te klein was. Desondanks zouden in de herfst van 1941 in totaal twintig transporten met Duitse Joden in Lodz arriveren.

Lokale nazi-autoriteiten moesten improviseren om de nieuw gearriveerde Joden in de overvolle getto’s onder te brengen. SS-Sturmbannführer Rolf-Heinz Höppner, leider van de SD-afdeling in Poznañ, was ook op de hoogte van de catastrofale omstandigheden in het getto van Lodz en stelde op 16 juli 1941 voor om “alle Jodinnen waarvan nog kinderen te verwachten zijn te steriliseren. Zo wordt met deze generatie het Jodenprobleem daadwerkelijk opgelost.” De oplossing voor de overbevolking van de getto’s, mede door de toestroom van Joden vanuit Duitsland, werd uiteindelijk echter nog veel rigoureuzer aangepakt. Onder invloed van de massaslachtingen door de Einsatzgruppen was het vermoorden van Joden inmiddels namelijk een geaccepteerde oplossing van problemen. Zo werden in november 1941 in Minsk door de Duitsers ongeveer 12.000 Joden vermoord om in het getto plaats te maken voor Joden uit Hamburg. Hetzelfde gebeurde toen Himmler op 12 november 1941 het bevel gaf om het getto van Riga uit te roeien om plaats te maken voor de Joden die vanuit Berlijn, Rijnland en Westfalen werden aangevoerd. In november en december werden hier ongeveer 20.000 Joden neergeschoten, waaronder op 30 november ook Duitse Joden. Dit waren overigens niet de eerste Duitse Joden die op dergelijke wijze uitgebracht, want al op 25 november 1941 werden in Kaunas ongeveer 5.000 Duitse Joden (uit Frankfurt-am-Main, München en Berlijn ) geëxecuteerd door Einsatzgruppe A.

We kunnen dus concluderen dat de nazi’s in de zomer en herfst van 1941 zowel aan het Oostfront als in de getto’s het vermoorden van Joden was gaan beschouwen als een geschikte oplossing voor plaatselijke problemen. Totale fysieke uitroeiing werd echter nog niet algemeen aanvaard als de definitieve oplossing van het Joodse vraagstuk, maar de basis daarvoor was voor een zeer belangrijk deel gelegd.

Definitielijst

Eerste Wereldoorlog
Ook wel Grote Oorlog genoemd, conflict dat ontstond na een groei van het nationalisme, militarisme en neo-kolonialisme in Europa en waarbij twee allianties elkaar bestreden gedurende een vier jaar durende strijd, die zich na een turbulent begin, geheel afspeelde in de loopgraven. De strijdende partijen waren Groot-Brittannië, Frankrijk, Rusland aan de ene kant (de Triple Entente), op den duur versterkt door o.a. Italië en de Verenigde Staten, en Duitsland, Bulgarije, Oostenrijk-Hongarije en het Ottomaanse Rijk aan de andere kant (de Centrale Mogendheden of Centralen). De strijd werd gekenmerkt door enorme aantallen slachtoffers en de inzet van vele nieuwe wapens (vlammenwerpers, vliegtuigen, gifgas, tanks). De oorlog eindigde met de onvoorwaardelijke overgave van Duitsland en zijn bondgenoten in 1918.
Generalgouvernement
Dat deel van het Poolse gebied dat sinds september 1939 door de Duitsers was bezet. Was een autonoom deel van Grossdeutschland. In augustus 1941 werd Oost-Galicië aan het Generalgouvernement toegevoegd. Het werd door uitsluitend Duitsers bestuurd onder leiding van Generalgouverneur Hans Frank. Het zou uiteindelijk een volwaardige Duitse provincie moeten worden bevolkt door Duitse kolonisten.
getto
Grotendeels van de buitenwereld afgescheiden stadswijk voor Joden. Het aanstellen van getto's had als doel om Joden uit het dagelijkse leven te weren. Vanuit getto's konden Joden bovendien gemakkelijker gedeporteerd worden naar de concentratie- en vernietigingskampen. Ook bekend als 'Judenviertel' ofwel 'Joodse wijk'.
kolonie
Overzees gebiedsdeel.
nazi
Afkorting voor een nationaal socialist.
Rijnland
Duitstalig na WO I gedemilitariseerd gebied aan de rechteroever van de Rijn dat door Hitler bezet werd in 1936.
RSHA
Reichssicherheitshauptambt. De centrale inlichtingen en veiligheidsdienst van het Derde Rijk
Sovjet-Unie
Sovjet Rusland, andere naam voor de USSR.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Reinhard Heydrich, chef van het Reichssicherheitshauptamt.
(Bron: Publiek Domein)


Executie uitgevoerd een lid van een Einsatzgruppe in Oekraïne, 1942.
(Bron: Publiek Domein)

Informatie

Artikel door:
Kevin Prenger
Geplaatst op:
05-10-2006
Laatst gewijzigd:
04-04-2016
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2017
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.