Na de dramatische afloop van operatie Market Garden, wisten ongeveer 300 geallieerde militairen in het door de Duitsers bezette gebied ten noorden van de Rijn uit Duitse krijgsgevangenschap te blijven. Deze parachutisten (para’s) werden zoveel mogelijk opgevangen door het plaatselijke verzet. Om verschillende redenen moesten deze para’s zo snel mogelijk over de Rijn gezet worden. In samenwerking met het plaatselijke verzet, bereidden de geallieerden een massaontsnapping voor.
In de nacht van 22 op 23 oktober 1944 wisten 130 geallieerde militairen (ongeveer 120 man luchtlandingstroepen, aangevuld met vliegtuigbemanningen) en acht Nederlandse burgers vanuit bezet gebied de Rijn dichtbij Renkum over te steken. Deze operatie is later bekend geworden onder de naam: Operatie Pegasus 1. Volgens majoor Airey Neave, destijds als hoofd van de Britse Militaire Inlichtingendienst (M.I.9) belast met “escape and evasion” in West-Europa en zodoende medeverantwoordelijk voor de verschillende operaties Pegasus, was operatie Pegasus 1 de grootste ontsnapping uit bezet gebied tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Enkele maanden later (18 november) werd een poging gedaan om de resterende geallieerde militairen over de Rijn te krijgen. Ook bij deze ontsnappingspoging was het plaatselijke verzet nauw betrokken. Deze operatie liep om verschillende redenen uit op een grote mislukking. Zo waren de Duitsers meer alert en moest er een groot stuk door onbewoond gebied worden gelopen. Van de circa honderd mannen die deelnamen aan operatie Pegasus 2, bereikten er slechts 7 veilig de zuidoever van de Rijn.
