Roosevelt, Franklin

Opmars naar het Witte Huis

Na Roosevelts tweede termijn als gouverneur van de staat New York was de economische toestand in de Verenigde Staten verder verslechterd. Waren er in 1930 vier miljoen werklozen, een jaar later was dat aantal verdubbeld. In het daaropvolgende jaar, tijdens de winter van 1932-1933, zou opnieuw een verdubbeling van de werkloosheidcijfers volgen. Omdat Amerikanen massaal probeerden hun spaargeld van de wankele banken te halen, sloten steeds meer banken hun deuren vanwege liquiditeitsproblemen. Alles leek erop dat de Verenigde Staten op de rand van de financiŽle afgrond wankelden. Het herstel van de economie speelde daarom een belangrijke rol tijdens de presidentscampagne van 1932. De Democratische partij ging met Roosevelt als presidentskandidaat de strijd aan met de zittende Republikeinse president Herbert Hoover. Die werd door veel Amerikanen schuldig geacht aan de crisis. De overal in Amerika ontstane sloppenwijken, waarin honderdduizenden slachtoffers van de crisis onder erbarmelijke omstandigheden leefden, stonden bekend als Hoovervilles. Spannend was de politieke strijd tussen de frisse nieuwkomer Roosevelt en de impopulaire president niet.

Onder aanvoering van mannetjesmaker Louis Howe voerde Roosevelt een energieke campagne. Zijn running mate was John Nance Garner, de voorzitter van het federale Huis van Afgevaardigden. Met de trein en het vliegtuig reisde Roosevelt door het land om zoveel mogelijk kiezers te bereiken. In het bijzonder richtte hij zich op de gewone man, die het meest geraakt was door de crisis. "Heís Ready! Are You?", zo stond gedrukt op zijn verkiezingsposters. Met de kreet "Return the government to the people" presenteerde hij zich als een man van het volk, wat hem ondanks zijn elitaire afkomst goed afging. Met zijn natuurlijke charme, gevoel voor humor en vastberaden uitstraling wist hij veel kiezers in te palmen. Populair was hij in het bijzonder onder minderheden, waaronder Afro-Amerikanen, die hard getroffen waren door de crisis. Van een vastomlijnd politiek programma was echter nog geen sprake. Tijdens de Democratische conventie in Chicago, waar Roosevelt zijn oude rivaal Alfred Smith in de race om de nominatie verslagen had, beloofde hij weliswaar een "new deal for the American people", maar pas tijdens zijn presidentschap zou de New Deal (nu met hoofdletters) tot ontwikkeling komen. Opvallend genoeg stelde Roosevelt zich tijdens de campagne zelfs conservatief op: hij drong aan op bezuinigingen om het overheidstekort te verkleinen.

Roosevelt won op 8 november 1932 de presidentsverkiezing met vlag en wimpel van Hoover. Hij verkreeg 22,8 miljoen stemmen versus 15,7 miljoen voor zijn Republikeinse opponent. Met 472 kiesmannen tegen 59 stond de deur van het Witte Huis wijd open voor de 51-jarige Democraat. Zowel in de Senaat als in het Huis van Afgevaardigden werd hij gesteund door een ruime Democratische meerderheid. Gedurende de vier maanden durende periode tussen zijn verkiezing en inauguratie weigerde Roosevelt om met de gefrustreerde Hoover samen te werken, omdat hij niet bereid was Republikeins beleid te ondersteunen. Gedurende diezelfde zogenoemde "lame duck"-periode overleefde de bijna-president een aanslag tijdens een bezoek aan Miami, Florida, op 15 februari 1933. Terwijl hij zojuist een speech gegeven had, werd er in zijn richting geschoten door de Italiaans-Amerikaanse anarchist Giuseppe Zangara. Roosevelt bleef ongedeerd, vijf anderen raakten gewond. Eťn van hen, Anton Cermak, de Democratische burgemeester van Chicago, overleed later aan zijn verwondingen. Mogelijk was Cermak het werkelijke doelwit geweest, vanwege de strenge aanpak van de criminaliteit die hij voorstond in zijn stad.

Op 4 maart 1933 was het dan zo ver. Het zag zwart van de mensen op het terrein voor de oostzijde van het Capitool in Washington DC waar de inauguratie van de nieuwe president zou plaatsvinden. Tien miljoen Amerikanen zaten bij hun radio te wachten op de uitzending van de plechtigheid. Geholpen door zijn zoon daalde Roosevelt voorzichtig de trappen af naar de plek waar hij de eed op de grondwet zou afleggen. Met zijn hand op een in 1686 in Amsterdam gedrukte Bijbel, een gekoesterd familiestuk dat had toebehoord aan zijn voorvader Jacobus Roosevelt, zwoer hij zijn trouw aan de grondwet. De woorden die hij sprak tijdens zijn inauguratietoespraak zouden legendarisch worden. "The only thing we have to fear is fear itself", zo sprak hij het Amerikaanse volk bemoedigend toe. President Roosevelt begon schijnbaar onbevreesd aan zijn presidentschap, vastberaden om de Verenigde Staten uit de crisis te loodsen.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


Tijdens de depressiejaren woonden vele Amerikanen in sloppenwijken, Hoovervilles genoemd, zoals deze in Seattle op een foto uit 1931.
(Bron: Washington University)


Hoover en Roosevelt zijn onderweg naar de inauguratie van laatstgenoemde.
(Bron: FDR Presidential Library & Museum)


De inauguratie van Roosevelt op 4 maart 1933 bij het Capitool in Washington.
(Bron: Architect of the Capitol)

Informatie

Artikel door:
Kevin Prenger
Geplaatst op:
21-10-2014
Laatst gewijzigd:
28-10-2014
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

CategorieŽn


Deze website is een initiatief van STIWOT Alle rechten voorbehouden © 2002-2018
Hosted by Vevida. Privacyverklaring, cookies, disclaimer en copyright.