Tijdens de Conferentie van Teheran in november 1943 werd door de grote drie (Roosevelt, Churchill en Stalin) een plan goedgekeurd waardoor Duitsland misleid zou worden over de plaats, tijdstip en de middelen van de toekomstige landing in Normandië, genaamd operatie Overlord. Een vijand op het verkeerde been zetten is altijd een vast onderdeel van een aanvals- of verdedigingsplan, maar nog nooit was dit zo massaal en met zo veel succes uitgevoerd als de misleidingsacties voor de landing in Normandië.
Het gigantische misleidingplan kreeg aanvankelijk de codenaam Jael, naar een persoon uit het Oude Testament. Dit werd echter snel omgedoopt naar operatie Bodyguard. De naam Bodyguard werd gekozen door een uitspraak van Winston Churchill: “In wartime, truth is so precious that she should always be attended by a bodyguard of lies”.
Doel van de misleidingDe gehele Atlantikwall strekte zich uit van Noorwegen tot het zuiden van Frankrijk, waarbij Duitse troepen in versterkingen aan de kust gelegerd waren om de geallieerde aanval op de kust te kunnen weerstaan. De hoofddoelen van Bodyguard waren om Duitse troepen te binden op plaatsen ver van de invasieplek en de Duitsers ervan te overtuigen dat de invasie in Normandië een afleiding zou zijn voor de werkelijke invasie die enkele weken later zou komen. Deze hoofddoelen resulteerden in de volgende strategische doelen:
- Invasie-operaties zouden in het voorjaar van 1944 beginnen met een gecombineerde aanval op Noorwegen bestaande uit Britse, Amerikaanse en Sovjettroepen.
- De geallieerden zouden hun operaties in Italië waarvan zij reeds een deel bezetten, voortzetten en dit uitbreiden naar de Balkan en Griekenland.
- Als er al een invasie in Frankrijk werd uitgevoerd dan zou deze nabij Pas de Calais plaatsvinden en zeker niet voor juli 1944.
- Als geallieerde landingen op de Franse kust zouden plaatsvinden, dan zouden deze een afleiding zijn voor de echte landing nabij Pas de Calais.
De persoonlijke visie van Adolf Hitler was een belangrijk onderdeel in de misleidingplannen. Hij was er namelijk van overtuigd dat Duitsland de Eerste Wereldoorlog onder andere had verloren doordat de toenmalige marine alleen op Duitse havens was aangewezen. De ijsvrije havens en fjorden van Noorwegen waren ook een van de redenen voor de Duitse aanval op Noorwegen. Er werd dan ook een behoorlijke troepenmacht en zelfs een pantserdivisie in Noorwegen gestationeerd omwille van de bescherming van de havens.
Ook was Hitler ervan overtuigd dat de geallieerden mogelijk een aanval op Griekenland ondernamen vanwege de ‘zwakke’ bondgenoten die hij op de Balkan had. Verder zou de onvermijdelijke landing op de westkust van Europa volgens hem plaatsvinden bij Pas de Calais, omdat daar de oversteek het smalst was en er dus het beste bescherming vanuit de lucht en vanaf zee geboden kon worden. Tenslotte waren de aanvoerroutes daar het kortst.
De gehele Operatie Bodyguard was onderverdeeld in diverse kleinere operaties waarvan Fortitude en Zeppelin de belangrijkste waren. Deze twee waren dan ook cruciaal voor de misleiding t.b.v. de landing in Normandië, en het grootst qua opzet.
Zeppelin hield de misleiding in voor een landing in Griekenland en op de Balkan.
De nog belangrijkere operatie Fortitude was onderverdeeld in drie delen:
Fortitude North was de dreiging van een geallieerde landing in Noorwegen om dan via Denemarken naar Duitsland op te rukken.
Fortitude South I bleek een ‘nepinvasie’ te zijn, gericht op de kust in het ‘Nauw van Calais’, ook wel de ‘Straat van Dover’ genoemd.
Fortitude South II was de radiomisleiding nadat de geallieerde troepen in Normandië aan land waren gegaan om Duitsland te doen geloven dat de werkelijke aanval bij Pas de Calais plaatsvond.
