Hitler, Adolf
De Weense jaren
LET OP: dit artikel wordt momenteel herschreven.
De volgende twee jaar leidde Adolf het luie leventje van een klaploper en zijn moeder gaf hem geld, eten en onderdak en vertroetelde hem. Overdag bracht hij de dag door met tekenen, lezen, schilderen of het schrijven van gedichten en ’s avonds was hij regelmatig te vinden in de opera (hij had een enorme passie voor Wagners muziek), waar hij droomde over zijn toekomst als een groot kunstenaar. In 1907 vroeg hij zijn moeder toestemming om naar de Kunstacademie in Wenen te gaan en hoewel ze enkele bezwaren had, was dit nog altijd beter dan het doelloze leven dat hij op dit moment leidde. Het benodigde geld hiervoor, 925 Kronen, kreeg hij in de vorm van een lening van zijn tante Johanna. In deze periode echter leed zijn moeder al aan borstkanker en ondanks de zeer goede zorgen van de joodse dokter Bloch en diverse ziekenhuisopnamens, zag het er niet naar uit dat zij dit zou overleven. Ondanks dat de situatie van zijn moeder steeds meer verslechterde, vertrok Adolf begin september 1907 naar Wenen om het toelatingsexamen te doen voor de Academie voor Beeldende Kunsten. Alvorens de kandidaten tot het eigenlijke examen werden toegelaten, werd er eerst een voorselectie op basis van ingeleverd werk gemaakt. Adolf was één van de vele kandidaten, maar kwam door de eerste selectie heen. Begin oktober nam hij deel aan twee zware examens van ieder drie uur, waarbij tekeningen over een verplicht onderwerp moesten worden gemaakt. Slechts achtentwintig kandidaten slaagden hiervoor en Adolf was er niet bij. “Test tekenen onvoldoende; weinig hoofden“, zo luidde het oordeel. Later schreef hij over deze periode in ‘Mein Kampf’: “ Ik was zo ervan overtuigd het examen te halen, dat de mededeling mij als een donderslag bij heldere hemel trof “. Hij vond deze afwijzing zelfs zo krenkend en vernederend dat hij het geheim hield voor zijn moeder en zijn enige vriend, Gustl. Ondertussen lag zijn moeder op sterven en Adolf besloot om terug naar huis te keren. Ondanks alle goede zorgen, overleed zijn moeder op 47-jarige leeftijd op 21 december 1907. Dr.Bloch zei later hierover : “ Ik heb nog nooit iemand gezien die zo gebroken was van verdriet als Adolf Hitler “. Na haar dood voelde hij zich verlaten en eenzaam en hij had de enige persoon verloren met wie hij zich ooit in warme genegenheid verbonden had gevoeld. Ook financiëel ging het slechter. Het geld dat zijn vader had achtergelaten was opgegaan aan de verzorging van zijn moeder en het wezenpensioen, waar hij nu recht op had, was niet voldoende om zelfs maar van te leven. Hij besloot toch om terug te keren naar Wenen om op één of andere manier een opleiding te volgen tot architect, een advies dat hij had meegekregen van de examencommissie bij zijn afwijzing aan de Academie voor Beeldende Kunsten. Toch bleek zijn financiële misère achteraf nogal mee te vallen, want zo had zijn moeder hem meer geld achtergelaten dan dat hij had verwacht en ook zijn tante Johanna voorzag hem nog steeds van financiële tegoeden.
De stad waar Adolf de volgende vijf jaar zou verblijven, was een buitengewone plek. Nergens anders waren de sociale, culturele en politieke spanningen die het einde van een tijdperk inluidden, zo tastbaar aanwezig als in Wenen. Deze factoren hebben voor een groot deel het karakter van Hitler bepaald. Deze stad was in een relatief korte periode ontzettend gegroeid, met vele nieuwkomers uit het oostenlijke deel van het reusachtige rijk. Ook woonden in Wenen indertijd meer joden dan in welke stad in het rijk dan ook. Halverwege de 19e eeuw had de stad 6.000 joden geteld en in 1910 was dit aantal al gegroeid tot 175.318, oftewel 8,6% van de bevolking. Net als in Duitsland waren de joden altijd ruim vertegenwoordigd geweest in hooggeschoolde beroepen, de universitaire wereld en in de zakenwereld en het bankwezen. Maar anders dan in de Duitse steden was er ook een aanzienlijke groep van arme joden die in de oude stad en het noordelijk deel van Wenen woonden. In Leopoldstadt bestond één-derde van de armoedige bevolking uit joden en in het naburige Brigittenau, de wijk waar Hitler de laatste drie jaren in Wenen zou slijten, bestond de bevolking voor 17% uit joden en juist hier zou hij zijn rassenhaat opdoen. In het begin viel dit echter nogal mee. Hoewel vele joodse boeken en geschriften van de persen rolden, sommige pornografisch en anderen krankzinnig in hun valse beschuldigingen, zag hij de jood nog steeds maar als iemand met een ander geloof. Maar over die gedachte was hij spoedig heen, zeker gezien het feit dat vele joden belangrijke en invloedrijke functies vervulden, terwijl er grote armoede heerste onder de bevolking, hebben aan Hitlers ideeën bijgedragen. Hij begon de anti-semitische geschriften te lezen van Karl Lueger, die waren gebaseerd op de theorie dat er een samenzwering bestond tussen joden en Marxisten en tevens las hij het racistische blad ‘Ostara ‘, dat door Josef Lanz werd uitgegeven.
In 1913 verhuisde Hitler naar München en huurde daar een kamer van een kleermaker. Hij had tegen die tijd ernstige maagklachten die ongetwijfeld verband hielden met zijn syfilisbesmetting en een opgekropte jodenhaat, die hij nu ook versterkt zag worden in de straten van München, Hij bleef zijn bescheiden inkomen verdienen met de verkoop van zijn schilderijen. Hij was nu ouder dan 21 en in januari 1914 ontving hij zijn papieren voor zijn dienstplicht bij het Oostenrijkse leger. Hij meldde zich in Salzburg, maar werd afgekeurd omdat hij te zwak was en ongeschikt voor de wapenen. Deze uitslag zou echter spoedig een andere wending krijgen in Adolf Hitlers leven.
Definitielijst
- Mein Kampf
- Boek geschreven door Hitler, waarin hij de grondslagen van het nationaal socialisme uiteenzet.
Pagina navigatie
- <<< (Jeugdjaren)
- Pagina 1 (Index)
- Pagina 2 (Jeugdjaren)
- Pagina 3
- Pagina 4 (De eerste wereldoorlog)
- Pagina 5 (Na-oorlogse jaren)
- Pagina 6 (Hitler - de spreker)
- Pagina 7 (Eerste politieke jaren)
- Pagina 8 (De Hitler Putsch)
- Pagina 9 (Het proces)
- Pagina 10 (Mein Kampf)
- Pagina 11 (Terugkeer in de politiek)
- Pagina 12 (De eerste partijdagen)
- Pagina 13 (Opkomst NSDAP)
- Pagina 14 (Geli Raubal)
- Pagina 15 (De weg naar de macht)
- Pagina 16 (Politieke onderhandelingen)
- Pagina 17 (Hitler Rijkskanselier)
- Pagina 18 (Hitlers plannen)
- Pagina 19 (Terreur en opstand)
- Pagina 20 (Hitlers eerste machtsjaar)
- Pagina 21 (Hitler's totale macht)
- Pagina 22 (Hitlers werk en leven)
- Pagina 23 (Levensomstandigheden in het Derde Rijk)
- Pagina 24 (Aanloop tot de oorlog)
- Pagina 25 (Inval van het Rijnland)
- Pagina 26 (Verdrag van München)
- Pagina 27 (Het complot)
- Pagina 28 (Hitlers laatste dagen)
- Pagina 29 (Hitler - een profiel)
- >>> (De eerste wereldoorlog)
Informatie
- Artikel door:
- Hans Molier
- Geplaatst op:
- 28-07-2003
- Laatst gewijzigd:
- 04-06-2010
- Opmerkingen? Spelfouten?
- Geef ons uw feedback!