Collaboratie in Wallonië: het Rexisme

Rex in de collaboratie

Vele Rex-leden konden zich niet vinden in de radicale koerswending en stapten uit de partij. Vele leden waren voor de oorlog toegetreden tot de partij uit onvrede met de toenmalige politieke wantoestanden. Na mei 1940 haalde het Belgicisme bij velen de overhand op sympathie voor de Duitse invallers. Degrelles openlijke liefdesverklaring aan het adres van de nazi's vormde voor vele Rex-leden de spreekwoordelijke druppel. Degrelle bleef achter met een kleine, maar fanatieke groep activisten. Ondanks een grootscheepse propagandacampagne in "Le Pays Réel" bleef Degrelles aanhang afnemen. Wie Rex-lid was, moest de verregaande gevolgen voor zijn openbaar en privé-leven aanvaarden en niet iedereen was daartoe bereid. Steeds vaker werden de Rexisten beschimpt en bespot. Hun bijeenkomsten werden verstoord en ze werden een gemakkelijk doelwit voor het verzet.

De Rexisten hadden zichzelf met hun uitgesproken collaboratiebeleid geïsoleerd, want ook de Militärverwaltung hield hen op afstand. Degrelle voelde dit ook aan: "Alles wat wij in de winter van 1940-1941 deden om de Duitse ijsberg te ontdooien die op onze kusten was gestrand, bracht ons nauwelijks verder." In een poging om het isolement te doorbreken werden gesprekken met de grootste Vlaamse collaboratiepartij, het VNV, aangeknoopt. Er kwam een akkoord in mei 1941, waarbij het VNV en Rex er zich toe verbonden "samen te werken inzake punten van gemeen belang" (Le Pays Réel, 11 mei 1941). De vage formulering maakt duidelijk dat de gesprekken een maat voor niets waren en het akkoord niet meer dan een lege doos was.

Voor de Rexisten was de aanval op de Sovjet-Unie van 22 juni 1941 een geschenk uit de hemel. Iedere weldenkend mens moest nu toch inzien dat de nazi’s de enigen waren die het "rode gevaar", waarvoor de kerk zelfs had gewaarschuwd, een halt konden toeroepen. De inval bood Degrelle de unieke kans om nu ook werkelijk deel te nemen aan de Duitse militaire campagnes. Zijn verzoek om een militaire eenheid van vrijwilligers op te richten werd nu wel ingewilligd. Ook in de andere Europese landen werden dergelijke eenheden opgericht. Ondanks een grootscheepse wervingscampagne waren weinig Rex-leden geneigd een Duits uniform aan te trekken om aan het oostfront te gaan vechten. Pas toen Degrelle tijdens een bijeenkomst in Luik in een opwelling (want hij had noch de Duitse overheid, noch zijn familie op de hoogte gebracht) bekendmaakte dat hijzelf naar het oostfront zou vertrekken, traden honderden Rexisten tot het Waalse Legioen toe. Op 8 augustus 1941 vertrok Degrelle met 850 vrijwilligers. Ondanks het patriottische sausje waarmee deze nieuwe stap in de collaboratie werd overgoten, vergrootte de kloof tussen Rex en de Belgische burgers. Voor militaire collaboratie kon geen rechtvaardiging bestaan, was de heersende opinie.

Het vertrek van Degrelle, samen met vele leden, had zware gevolgen voor de interne structuur en werking van de Rex-partij. De meest ervaren militanten waren weg, waardoor Rex met nog minder slagkracht en dynamiek moest trachten het laken in bezet België naar zich toe te trekken. Heel opvallend is dat Degrelle nauwelijks nog omkeek naar de achtergebleven Rex-leden. Het Waalse Legioen, als onderdeel van de Wehrmacht, vormde zijn belangrijkste prioriteit. Gaf hij de strijd om de macht in België op? Het leek er sterk op. Militaire successen moesten hem in de gratie van de nazi's brengen. Victor Matthys en José Streel trokken tijdens de afwezigheid van de Rexistische leider het laken naar zich toe en zorgden voor een stevige interne reorganisatie.

Degrelle had zijn leden voorgespiegeld dat de oorlog tegen het bolsjewisme slechts van korte duur zou zijn. Niets bleek minder waar. Het Waalse Legioen werd onmiddellijk in de frontlinie gegooid. De Waalse soldaten, en zeker Degrelle, onderscheidden zich al gauw door hun moed en onverdroten inzet. Degrelle bleek veel meer dan het propagandasoldaatje voor wie velen hem aanzagen. Hij vocht in de eerste linies en slaagde erin enkele zwaarbevochten zeges te halen. Dit alles ging echter ten koste van vele mensenlevens. Ondanks een tweede contingent van 450 (verplicht dienstdoende!) Rexisten was het Waalse Legioen tegen oktober 1942 gedecimeerd tot minder dan tweehonderd soldaten.

Degrelle verloor zijn politieke ambities niet uit het oog. Hij had goed ingezien dat de macht in het Derde Rijk steeds meer bij de SS kwam te liggen. Zijn hele doen en laten was enkel gericht op het zich laten opmerken door de SS. In 1942 slaagde hij daar ook in. Dankzij zijn ongebreidelde inzet en moed bij het Waalse Legioen geraakte Degrelle goed aangeschreven bij de SS-leiding. Hij werd voor zijn inspanningen beloond met de overheveling van het Waalse Legioen, nu onder noemer van de SS-Sturmbrigade Wallonien, van de Wehrmacht naar de Waffen-SS. Waar hij faalde met zijn politieke ideeën, slaagde Degrelle met zijn militaire campagne. Hij kreeg een, weliswaar beperkt, aandeel in de nationaalsocialistische machtsuitoefening. Als gevolg hiervan werd de Rex-beweging voortaan volledig ingeschakeld in het SS-complex. In januari 1943 hield Degrelle tijdens een grote bijeenkomst van Rex-leden en Duitse vertegenwoordigers een toespraak waarin hij pleitte voor de samensmelting van Wallonië en Duitsland. De idee van een ‘federatie van Germaanse rassen’, waartoe volgens Degrelle ook de Walen behoorden, was een belangrijk programmapunt van de SS. De Rex-leider verleende onvoorwaardelijk zijn steun aan Himmler om zo een machtspositie in het Derde Rijk vast te krijgen. Zijn aandacht ging vooral uit naar de politieke ontwikkelingen in Duitsland. Hij was nog steeds de onbetwiste leider van Rex, maar zijn banden met de beweging werden steeds zwakker. Vele leden wensten immers een Belgische eenheidsstaat met een leidende rol voor Rex en waren zeker geen voorstander van een Anschluss bij Duitsland. Ook Degrelle zelf zag liever een verenigd België, maar die wens was ondergeschikt aan zijn streven naar persoonlijke macht.

Weinigen verlieten de partij. De kloof met de rest van de bevolking was niet meer te overbruggen. Hoe groter het aanzien van Degrelle bij de nazi's werd, hoe vijandiger de Belgische bevolking tegenover Rex kwam te staan. Rex-leden werden meer en meer genegeerd, zelfs door de eigen familie. Winkeliers weigerden hen te bedienen. Daar bleef het niet bij. Vooral hun medewerking aan de verplichte tewerkstelling in Duitsland (oktober 1942) zette kwaad bloed. Vooraanstaande Rex-leden werden vaak het doelwit van aanslagen. Zo werd in november 1942 de burgemeester van Groot-Charleroi Prosper Teughels doodgeschoten. De Duitse overheden verboden de Rexisten ten strengste elke wraakactie, welke enkel kon leiden tot een toenemende spiraal van geweld.

Na 1943 slaagde Rex erin, met steun van de Duitse overheid, op alle bestuurlijke niveaus (nationaal, provinciaal en lokaal) medewerkers af te vaardigen. Zo had men vrij goede contacten met het Ministerie van Binnenlandse Zaken onder leiding van de VNV'er Romsée. Als gevolg van de Flamenpolitik bleef hun invloed vooral beperkt tot het lokale niveau. Ondanks de protesten veranderde de Duitse overheid haar politiek niet, hoewel Reeder ontkende dat de Rexisten bewust werden gediscrimineerd. Ook de Rexistische pogingen om de politie en de rijkswacht onder controle te krijgen leidden tot niets. Ze slaagden erin meerdere openbare functies in handen te krijgen, maar door de tegenwerking waarop zij botsten, had dit niet veel te betekenen. Hun impact bleef beperkt.

In 1943 werd duidelijk dat de Tweede Wereldoorlog op een keerpunt was beland. De Duitse troepen moesten op alle fronten bijna voortdurend terugtrekken. Het verzet versterkte zijn terreurcampagne tegen de collaborateurs. Meer dan zestig Rex-leden werden dat jaar vermoord. Ondanks de Duitse tegenkanting, begonnen radicale Rex-leden het recht in eigen handen te nemen. Zo werd in Brussel een burgerwacht gevormd die kantoren van "patriottische organisaties" plunderde. Naarmate de aanslagen toenamen en het front gestaag naar Duitsland opschoof, verlieten steeds meer mensen het zinkende Rex-schip. In 1943-1944 telde de beweging nog ongeveer 12 000 aanhangers. Een te verwaarlozen aantal: nog geen 1% van de Brusselse en Waalse bevolking. Het Rexisme werd politiek irrelevant. De collaboratie in het algemeen was op sterven na dood.

In 1944 werd een geallieerde invasie in West-Europa waarschijnlijker. Meerdere Rexisten begonnen hun ontsnapping voor te bereiden. Merkwaardig genoeg scheen de openlijke confrontatie met de geallieerden een niet onaanzienlijk aantal wel aan te spreken. Zij verkozen de rol van martelaar boven die van de gevluchte sukkelaar. In Le Pays Réel verschenen optimistische artikels waarin werd verkondigd dat het nationaalsocialisme niet klein te krijgen was. Binnen afzienbare tijd zou dat gedachtegoed elke oppositie overvleugelen, ondanks de militaire nederlaag.

Terwijl vele Rex-leden werden aangevallen door de partizanen vocht het Waalse Legioen met de moed der wanhoop aan het oostfront. Rond de stad Tsjerkassy in Oekraïne raakte het Legioen geïsoleerd. Na enkele weken van zware gevechten vonden de Rexisten, onder leiding van Lucien Lippert én Léon Degrelle, opnieuw aansluiting bij de Duitse linies. Minder dan de helft van het Waalse Legioen overleefde de Oekraïense hel. Lippert kwam om het leven, maar Degrelle was één van de gelukkige overlevenden. Hij werd als een ware held in Berlijn ontvangen en kreeg, uit de handen van Hitler, het Ritterkreuz overhandigd. Het optimisme en de hoop keerden even terug in de Rex-rangen. Heel even maar, want met de geallieerde invasie werd duidelijk dat het einde van het nazisme (én de collaboratie) nabij was. De meeste Rexisten zagen geen andere uitweg dan nog meer aansluiting te zoeken bij de Duitsers. Er was gewoon geen weg terug uit de collaboratie. Het verzet voerde steeds driestere aanvallen uit op de aanhangers van Rex, die op hun beurt met bloedige wraakacties reageerden. Het meest trieste voorbeeld van dergelijke actie deed zich voor in Courcelles, waar negentien onschuldige burgers werden geëxecuteerd als wraak voor de moord op de Rex-burgemeester van Groot-Charleroi Oswald Englebin. Een terreurdaad zonder weerga. In heel België heerste de sfeer van een burgeroorlog. Noch de Belgische politiediensten, noch de Duitse overheid waren in staat om de bloedige spiraal van geweld te stoppen. Terreur overheerste in de laatste weken van de bezetting.

In augustus 1944 trokken de Duitsers zich in enkele dagen uit België terug. Vele Rexisten volgden hen om te ontsnappen aan de vergeldingsmaatregelen. Ze ontkwamen echter niet aan hun straf.

Definitielijst

Anschluss
Duitse term voor aansluiting waarmee de annexatie van Oostenrijk door Nazi-Duitsland in 1938 (12 maart) wordt bedoeld. Hiermee ging Oostenrijk deel uitmaken van het Groot-Duitse Rijk.
collaboratie
Medewerking vanuit de bevolking aan de bezetters, meer in het algemeen samenwerking verleend aan de vijand door zogeheten collaborateurs.
geallieerden
Verzamelnaam voor de landen / strijdkrachten die vochten tegen Nazi-Duitsland, Italië en Japan gedurende WO 2.
invasie
Gewapende inval.
nazi
Afkorting voor een nationaal socialist.
nazisme
Afkorting van nationaal-socialisme.
Sovjet-Unie
Sovjet Rusland, andere naam voor de USSR.

Pagina navigatie

Afbeeldingen


De Rex-krant "Le Pays Réel" verkondigt de militaire successen van het Waalse Legioen aan het Oostfront.
(Bron: LEGION WALLONIE)


Een propagandapostkaart van de SS-Freiwilligen Sturmbrigade Wallonien
(Bron: de Goy, Legion Belge Wallonie, p. 21-22)


Degrelle werd als een ware held in Berlijn ontvangen en kreeg, uit de handen van Hitler, het Ritterkreuz overhandigd.

Informatie

Artikel door:
Gerd Van der Auwera
Geplaatst op:
26-10-2003
Laatst gewijzigd:
28-03-2009
Opmerkingen? Spelfouten?
Geef ons uw feedback!

Categorieën


Deze website is een initiatief van STIWOT (Stichting Informatie Wereldoorlog Twee) Alle rechten voorbehouden © 2002-2010
Go2War2.nl is altijd op zoek naar nieuwe (gast)auteurs, lees voor meer informatie de FAQ.