Obersalzberg: rustoord of Alpenvesting

Inleiding

Toen op 25 april 1945 meer dan 300 vliegtuigen de Obersalzberg in het Duitse Beieren bombardeerden, was het voorgoed gedaan met het idyllische buitenverblijf van Adolf Hitler. Vijf dagen voordat hij een einde aan zijn leven maakte, was ook deze laatste uitweg uit de bunker in Berlijn afgesloten. Maar waarom bombardeerden de geallieerden de berg nog zo laat in de oorlog? Waren ze bang dat Hitler zich nog in zijn Alpenvesting zou terugtrekken?


Hitlers introductie in Berchtesgaden

In de winter van 1922-1923 bezocht Hitler voor het eerst de regio van Berchtesgaden. De Obersalzberg, waar hij later zijn beroemde Berghof zou laten bouwen, was nog een rustige berg met daarop een aantal boerderijen, een pension en een klein hotel, waar mensen in alle rust konden verblijven. Het pension Moritz en de huisjes die bij het pension hoorden, waren het bezit van Mauritia Moritz, die in 1877 een van de boerderijen op de berg kocht om er een pension van te maken. Het zou in het begin van de jaren twintig regelmatig gebruikt worden door Adolf Hitler. Vlakbij pension Moritz, en nog dichter bij het in 1911 gebouwde hotel Türkenhof, stond het door een koopman uit Noord-Duitsland gebouwde eenvoudige berghuis Haus Wachenfeld.

De dichter Dietrich Eckart, die in de bergen bij het dorpje Berchtesgaden een huisje had, introduceerde Hitler in de regio. Eckart fungeerde in München als een soort mentor van Hitler en hij begeleidde hem toen zijn politieke aspiraties serieuze vormen aannamen. Samen met Hermann Esser, redacteur van de nazikrant de Völkischer Beobachter, en Christian Weber, paardenverhuurder en verantwoordelijk voor Hitlers beveiliging, kwam Hitler naar de Obersalzberg. Dat was nog voordat hij op 9 november 1923, na een chaotische nacht in een van de bierkelders van München, een poging ondernam de regering van Beieren omver te werpen tijdens de zogenaamde Bierkellerputsch. Deze poging mislukte volledig. Zestien putschisten en vier politiemensen kwamen om. Hitler vluchtte naar Uffing am Staffelsee in de buurt van Garmisch-Partenkirchen, naar het huis van de moeder van Putzi Hanfstaengl, een vroege Hitler-sympathisant die later de kant van de Amerikanen zou kiezen Twee dagen later werd hij hier gearresteerd. Eckart overleefde de spanning van de nasleep van de Hitlerputsch niet. Hij stierf in december 1923 in een huisje in Berchtesgaden, als gevolg van een hartaanval. Hitler werd wegens hoogverraad tot 5 jaar gevangenisstraf veroordeeld, maar hij zou daarvan slechts tien maanden uitzitten.

Nadat Hitler op 20 december 1924 was ontslagen uit de gevangenis van Landsberg, bleef hij terugkomen in Berchtesgaden. Hij maakte vaak lange wandelingen in de bergen en zodoende bezocht hij ook regelmatig de Obersalzberg, een berg van ongeveer 1000 meter hoog. In de lente van 1925 verbleef Hitler voor het eerst langere tijd op de berg. In het zogenaamde Kampfhäusl ontmoette hij zijn strijdmakkers en schreef hij aan Mein Kampf. Het kleine huisje hoorde bij het pension Moritz, maar toen de eigenaar in 1926 het pension verkocht aan een nieuwe eigenaar aan wie Hitler om een onbekende reden nogal een hekel had, nam hij zijn intrek in hotel Deutsches Haus in Berchtesgaden. Hier zou hij de laatste werkzaamheden aan Mein Kampf hebben verricht. Zijn politieke vrienden - Rudolf Hess, Emile Maurice, Heinrich Hoffmann en Joseph Goebbels - vertoonden zich daar toen ook al regelmatig. In hun vrije tijd maakten ze gezamenlijk ritjes door de bergen of gingen naar de Königssee voor een boottochtje.
In de herfst van 1926 verbleef de 37-jarige Hitler weer in hotel Deutsches Haus. In het Kurpark van Berchtesgaden zag hij daar een meisje spelen met haar herdershond. Hitler stelde zich voor aan het 16-jarige meisje, Maria (Mimi) Reiter. Het meisje, dat niet erg sterk in haar schoenen moet hebben gestaan, omdat haar moeder kort daarvoor was overleden, bleek gevoelig voor Hitlers geflirt en er ontstond een korte romance. Samen maakten ze ritjes door de omgeving en het meisje werd verliefd op Hitler, die echter van een serieuze relatie niets wilde weten. Daar had hij overigens ook nauwelijks tijd voor. Hij was veel meer bezig met zijn politieke toekomst dan met de liefde van Mimi. De relatie eindigde dan ook in een drama. Nadat Hitler haar een lange tijd niet had bezocht, kwam het zelfs zover dat ze een zelfmoordpoging ondernam. Haar zwager vond haar nog net op tijd om haar te redden.
Hitlers voorkeur voor veel jongere vrouwen, die volgens hem makkelijk te kneden waren, zou zich voortzetten in zijn relaties met zijn nichtje Geli Raubal en Eva Braun. Of de jonge Geli Raubal echt een relatie had met haar oom, is niet helemaal duidelijk, maar in München deed ook zij, onder invloed van Hitler, een poging tot zelfmoord. Haar poging slaagde wel. Eva Braun, die bijna 23 jaar jonger was dan Hitler, deed twee zelfmoordpogingen op momenten dat hij te weinig aandacht voor haar had.


Haus Wachenfeld en de Berghof

Toen Hitler in de zomer van 1928 weer op de Obersalzberg was, dicteerde hij in hoog tempo zijn zogenaamde Tweede Boek aan zijn uitgever en oorlogskameraad Max Amann. Het boek zou tijdens Hitlers leven nooit gepubliceerd worden omdat de verkoop van het tweede deel van Mein Kampf niet zo geweldig verliep. Amann begreep vermoedelijk dat het Tweede Boek een ongewenste concurrent van Mein Kampf zou worden. Verder bleek al in 1929 dat voor publicatie revisie van het manuscript nodig was. Bijvoorbeeld omdat Gustav Stresemann, die als grote vijand werd opgevoerd in het boek, in dat jaar overleed.

In 1928 huurde Adolf Hitler voor het eerst Haus Wachenfeld, waarin hij na de verkiezingen van 1928 verbleef. Zijn halfzuster, Angela, werd verantwoordelijk voor de huishouding. Totdat Hitler, als nieuwe kanselier van Duitsland, in 1933 Haus Wachenfeld kocht, veranderde er weinig. Hitler gebruikte het huis als vakantieadres en ook de zomer van 1933 bracht hij voor het grootste deel door op de Obersalzberg. Hij kreeg er veel bezoek van nazi-kopstukken en persoonlijke vrienden. De fotograaf Heinrich Hofmann was er met zijn vrouw, evenals privé-chauffeur en SS-er Julius Schreck, perschef Otto Dietrich, adjudant Julius Schaub, zwemkampioene en verloofde van Hitlers lijfarts Dr. Karl Brandt, Anni Rehborn, en Eva Braun. Veel van de gasten moesten toen nog verblijven in een van de pensions in de buurt, omdat het berghuis te klein was om al de gasten onderdak te bieden.

Ook al begonnen de stromen toeristen al snel op gang te komen, toch maakte Hitler toen nog redelijk ongestoord wandelingen over de berg. Zo wandelde hij bijvoorbeeld wel eens naar Gasthof Hochlenzer, waar op houten banken van de zon kon worden genoten. Later werden de wandelingen minder gevarieerd en ging het gezelschap van Hitler eigenlijk alleen nog naar het Theehuis op de Mooslahnerkopf.

Omdat grote hoeveelheden toeristen naar de Obersalzberg kwamen om Hitlers huis en de Führer zelf te zien, moesten er in de zomer van 1933 verkeersmaatregelen worden genomen. Op sommige dagen stonden er zo'n 5.000 mensen in een rij te wachten tot ze langs huis Wachenfeld mochten lopen. En soms hadden ze geluk: dan kwam Hitler even naar buiten. Uiteindelijk werd de directe omgeving van Haus Wachenfeld de eerste en best bewaakte zone van het 'Führersperrgebiet', zodat het veel moeilijker werd om het gebied binnen te komen.

In 1935, toen het Hitler financieel voor de wind ging, werd besloten het eenvoudige Haus Wachenfeld om te bouwen tot een representatieve woning die ook geschikt was om meer gasten te ontvangen. Hitler ontwierp het huis zelf, architect Roderick Fick voerde de ideeën uit. Van het oude huis verdween alleen de buitenkant, de ruimtes zelf werden opgenomen in de nieuwe villa, de Berghof: Hitlers buitenhuis met het enorme raam en de beroemde trap, waarop later vele (inter-)nationale gasten ontvangen werden.

In het dorpje Berchtesgaden onderaan de Obersalzberg waren na 1933 ook verschillende aanpassingen nodig. Door de vele toeristen die de Führer wilden zien, nam het treinverkeer naar het dorpje enorm toe en daarom was het nodig een nieuw station te bouwen. Het hotel Berchtesgadener Hof, dat eerder een kuuroord was, werd omgebouwd tot een luxe hotel. Het werd gebruikt door belangrijke gasten van Hitler, zoals Neville Chamberlain, Benito Mussolini, Joseph Goebbels, Joachim von Ribbentrop, Heinrich Himmler en Erwin Rommel.
Ook later werd in de omgeving van Berchtesgaden nog van alles gebouwd, zoals een tweede Reichskanzlei in Stangass, een jeugdherberg (de Adolf-Hitler-jeugdherberg), een sportschool voor de Bund Deutscher Mädel, een kazerne voor het Gebirgsjäger-Regiment, het Dietrich-Eckart-ziekenhuis en vlakbij Salzburg werd zelfs een klein vliegveld aangelegd.


‘Bouwmeester’ Bormann en de Obersalzberg

Martin Bormann was verantwoordelijk voor de bouwwerkzaamheden op de Obersalzberg. Na de oorspronkelijke bewoners onder druk te hebben gezet, kocht Bormann allerlei boerderijen in de omgeving op en liet ze afbreken. Na 1933 werden zo'n 50 woningen en boerderijen afgebroken om plaats te maken voor de gebouwen van Bormann en Hitler. De oorspronkelijke bewoners kregen meestal maar een geringe vergoeding. Wie niet weg wilde, werd onder druk gezet, bijvoorbeeld door elektriciteitskabels door te knippen.
Zo werd de berg zo langzamerhand ingericht naar Hitlers wensen. Hij hoefde maar een kleine hint te geven en Bormann zette alles in het werk om het hem naar de zin te maken. Een typisch voorbeeld van dit, wat Hitlerbiograaf Ian Kershaw noemt, 'naar Hitler toewerken', is het verhaal van de Hitlerboom. Nadat Hitler op een dag geruime tijd in de zon had gestaan, terwijl een lang lint van bewonderaars voorbijtrok, zou hij gezegd hebben dat hij doodmoe was van het staan in de zon. Een dag later stond er op die plek aan de oprijlaan naar de Berghof een grote boom, geplaatst op bevel van Bormann. Nog sterker werd het toen Hitler een keer zei het jammer te vinden dat het uitzicht vanaf het terras van de Berghof werd onderbroken door een oude boerderij. Iets meer dan een dag later was de boerderij in zijn geheel verdwenen.

Bormann was een fanatiek ‘bouwmeester’. In de jaren dertig was de berg soms meer een bouwput dan een idyllisch bergoord. Ongeveer een kilometer van de Berghof verwijderd lag een groot kamp van barakken voor de arbeiders - na het uitbreken van de oorlog ook Poolse, Tsjechische en Slowaakse dwangarbeiders - die nodig waren om Bormanns plannen te realiseren, inclusief een bioscoop met tweeduizend plaatsen.
Als Bormann zich ergens aan stoorde, kon dat direct grote gevolgen hebben. Hij stuurde, als het werk hem niet zinde, complete bouwfirma's naar huis. Onder zijn druk leverden de bouwers dan ook enorme prestaties. Op 1 juli 1937 formuleerde hij het nut van zijn bezoeken in een korte aantekening als volgt: 'Zoveel mogelijk dagelijks inspectie van bouwterreinen. Aansporen, aansporen!'

De Obersalzberg werd het privé-domein van de Führer: een terrein waar alleen hijzelf met een aantal van zijn nazi-vrienden woonde. De regio was ingedeeld in drie zones, de zogenaamde 'Sperrkreise'. De Berghof en de directe omgeving bevonden zich in de eerste zone, die moeilijk toegankelijk was. Beneden, aan de grens van de tweede zone, bijvoorbeeld aan de rand van Berchtesgaden, werden alle wegen die naar het Führergebied leidden, bewaakt. Uiteindelijk waren hiervoor zoveel SS'ers nodig dat een complete kazerne werd gebouwd. Hotel Türkenhof, dat naast de Berghof lag, werd het hoofdkwartier van de bewaking van de Gestapo en de SS. De derde bewakingszone omvatte de hele Kehlstein-regio.

Verder liet Bormann een van de bijgebouwen van pension Moritz ombouwen tot plaatselijke partijkanselarij zodat het contact met de partijcentrale in München makkelijker verliep. Het gebouw – niet te verwarren met de tweede rijkskanselarij in het dorpje Stangass - werd na de verbouwing ook gebruikt als gastenverblijf.

Bormann liet op de berg ook een moderne boerderij realiseren, de Gutshof, die model moest staan voor andere boerderijen in het Groot Duitse rijk. En in de buurt van Bormanns eigen huis kwam een grote kas te staan die vooral voor het kweken van bloemen werd gebruikt. Toen die kas aan het eind van de oorlog tijdens een hagelbui werd vernield, liet Bormann deze toch herstellen en zelfs uitbreiden. In de rest van Duitsland werd dit soort luxe, op het moment dat van iedereen soberheid werd verlangd, als verspilling gezien, maar op de Obersalzberg viel dit soort zaken onder het 'Sonderbauprogramm des Führers'.

Het oude pension Moritz werd vervangen door het nieuwe hotel de Platterhof. Bormann bemoeide zich echter zo intensief met de bouw van het hotel dat hele gedeeltes die al verschillende keren klaar waren, weer werden afgebroken en herbouwd. Om de bouw van het hotel in 1939, na het begin van de oorlog, door te kunnen laten gaan, liet Bormann de Platterhof zelfs vallen onder het 'Kriegwichtiges Bauprogramm des Führers'. Zo'n groot belang had de bouw van dit hotel in oorlogstijd natuurlijk niet; het ging hier overduidelijk om een handigheid waardoor geldstromen de juiste kant op kwamen, zonder dat er kritische vragen werden gesteld.
Het hotel, dat ooit bedoeld was als een hotel waar iedere Duitser voor een Rijksmark een nacht vlakbij de Führer zou kunnen doorbrengen, kreeg zo'n enorme omvang en werd zo luxe dat de gewone man een overnachting niet kon betalen. Alleen hoge nazi's maakten gebruik van het hotel. Het gewone volk kon alleen nog terecht in het café de Bergschränke, in de buurt van het hotel. De Platterhof functioneerde maar kort als hotel. In verband met de oorlog werd het al in 1943 gebruikt als militair ziekenhuis.


Het Kehlsteinhuis

Op de Obersalzberg werden verder in 1942-’43 nog twee luxe nederzettingen uit de grond gestampt: de Klausenhöhe en de Buchenhöhe. Maar het bekendste en meest prestigieuze gebouw was toch het Kehlsteinhuis.

Het Kehlsteinhuis lag op 1834 meter hoogte, en was bedoeld om de gasten van de Führer te imponeren. Het uitzicht was er prachtig maar ook de weg ernaartoe was imposant. Alleen het aanleggen van die weg kostte al twee jaar tijd. Aan het einde van de weg was een parkeerplaats bij een grote poort in de berg. Achter de poort was een 130 meter lange gang die naar een lift leidde. Met die lift kon men in het Kehlsteinhuis komen. Het project kostte 30 miljoen Rijksmark. Alhoewel Bormann het huis speciaal voor Hitler liet bouwen, kwam hij er niet zo vaak. Dat schijnt met de hoogte of met de lift, die hem niet beviel, te maken te hebben gehad. Hitler onving in het Kehlsteinhuis wel een aantal gasten, waaronder André François-Poncet, die in 1938 afscheid nam als ambassadeur van Frankrijk. Ook het huwelijk van Gretl Braun, de zus van Eva Braun en Hermann Fegelein op 3 juni 1944 werd gevierd in het Kehlsteinhuis.

In 1943 begon de bouw van schuilkelders onder de huizen op de Obersalzberg, omdat de geallieerden het luchtruim ook boven Duitsland steeds meer beheersten. Onder verantwoordelijkheid van de architect Hermann Giesler werd er in korte tijd een netwerk van gangen en bunkers aangelegd. Er waren kamers voor Hitler, voor Eva Braun, voor lijfarts Dr. Theodor Morell, keukens en voorraadkamers en ruimtes voor de lijfwachten van Hitler. Om op alles voorbereid te zijn, waren de voorraadkamers rijkelijk gevuld met eten en drinken. Het gangenstelsel werd nooit helemaal afgemaakt, maar vanuit de meeste gebouwen en huizen kon men al wel in de bunkers komen. Ook onder Görings landhuis lag een bunker, maar deze was niet aangesloten op het grotere netwerk dat onder de Berghof lag.

Aan het einde van al deze bouwwerkzaaamheden was er nauwelijks nog sprake van een rustig bergoord. Hitler zou daarom volgens Speer ooit gezegd hebben dat als alles voorbij was, hij weer een rustig dal zou uitzoeken om daar een huis te bouwen zoals het eerste…


Vrienden van de Führer

Een aantal van de politieke vrienden van Hitler had een woning op de berg. Dat gold al in 1933 voor Herman Göring. Zijn huis lag achter het huis van Martin Bormann en net iets hoger dan de Berghof, op wat al snel de Göring-heuvel werd genoemd. Hitler had er geen bezwaar tegen dat ook Göring zijn woning liet verbouwen. Dat deed hij dan ook verschillende keren, maar hij zorgde er wel voor dat de luxe villa, de enige met een zwembad, niet groter werd dan de Berghof. In de buurt van het huis lag de zogenaamde Adjudantur, die voor Luftwaffe nodig was. Adjudant generaal Karl Bodenschatz en zijn staf gebruikte dit gebouw om in te wonen en te werken, zodat Göring, ook als hij op de Obersalzberg was, altijd goed geïnformeerd was. Görings gezin verbleef een aanzienlijk deel van het jaar op de berg. Hijzelf kwam er zo nu en dan voor een paar dagen. Bormanns huis lag net iets dichter bij de Berghof. Zijn huis was een verbouwd kindersanatorium dat in ieder geval qua luxe vergelijkbaar was met de Berghof.

Hitlers favoriete architect Albert Speer werd door Hitler persoonlijk uitgenodigd om op de Obersalzberg te gaan wonen. Hij had een klein huis elders in de Beierse Alpen, maar Hitler zei hem dat hij een veel betere woning zou kunnen krijgen op de Obersalzberg. Speer trok met zijn gezin in een voormalig klein pension en hij liet vlakbij zijn woning een zelf ontworpen atelier bouwen. Hitler, die een enorme interesse had in architectuur en in het Rijk veel grote bouwplannen tot eer en glorie van natie en zichzelf wilde realiseren, kwam vaak langs om over bouwplannen van gedachten te wisselen.

Na 1933 kwam de in München woonachtige Eva Braun steeds vaker op de Obersalzberg, tot ongenoegen van Hitlers huishoudster en halfzus Angela. Of dat met een veronderstelde rivaliteit tussen haar in 1931 door zelfmoord om het leven gekomen dochter Geli en Eva te maken had, is onbekend. Zeker is dat Angela in 1936 huis Wachenfeld verliet, vermoedelijk in verband met de aanwezigheid van Eva Braun.

Alleen in kleine kring was Hitlers relatie met Braun bekend. Het gewone volk, in binnen- en buitenland, kwam pas na de oorlog te weten dat Hitler al die jaren een minnares had gehad. Hitler deed er namelijk veel moeite voor om dit geheim te houden. Zo kwam ze op namenlijsten die gebruikt werden bij hotelbezoek voor als secretaresse en mocht ze nooit aanwezig zijn bij officiële staatsbezoeken. Toch wist de intieme kring rondom Hitler wel hoe het echt zat. Adolf en Eva hadden in de Berghof immers aangrenzende kamers, met een badkamer ertussen die aan beide zijden geopend kon worden. Eva sprak Adolf, als een van de weinigen, ook aan met het informele 'du'. En soms betrapten bedienden ze zelfs op blijken van genegenheid, die in het openbaar niet voorkwamen.
Als belangrijke gasten de Berghof bezochten mocht Eva Braun er nooit bij zijn, maar zelfs bij bijeenkomsten in kleine kring kwam Hitler wel eens tussenbeide. Zoals bij een uitnodiging van Emma Göring, die Eva Braun uitnodigde om thee te drinken met een aantal andere vrouwen. Door Hermann Göring een smoesje te vertellen, zorgde Hitler ervoor dat het bezoek niet doorging.
Eva Braun bleef vaak op de Berghof als Hitler er niet was. Ze gaf dan feestjes, ontving familie, ging zwemmen in de nabijgelegen Königssee, of ze ging skiën. Ook kon ze zich, als Hitler weg was, ongestoord overgeven aan haar rookverslaving. Hitler was een fanatiek anti-roker en in zijn buurt mocht dan ook niet gerookt worden. Verder kon Eva zich op de Berghof en omgeving bezighouden met het maken van de privé-films die een goed beeld geven van het relaxte leventje op de berg en van tripjes die Hitler maakte naar Oostenrijk en het Kehlsteinhuis.

Hitler kwam meestal naar de Obersalzberg om even afstand te nemen van de politieke realiteit in een omgeving van goede bekenden. Nadat de oorlog was begonnen, was hier natuurlijk niet altijd de ruimte voor omdat een deel van de dag gevuld was met (militaire) besprekingen. Toch werden er ook toen nog steeds veel gasten uitgenodigd die of in de Berghof verbleven of in een van de hotels in Berchtesgaden, zonder dat dat altijd een politieke of militaire reden had.


Belangrijke gasten

Ook veel internationale besprekingen met Hitler vonden plaats op de Obersalzberg. Zo kwam een bekend lid van het Britse parlement, David Lloyd George op 4 september 1936 op bezoek bij Hitler. Over Lloyd George, die tijdens de Eerste Wereldoorlog Eerste Minister van Groot-Brittannië was, had Hitler al met veel respect geschreven in Mein Kampf. Hij bezocht de Berghof om, zoals hij zelf zei, Hitlers sociale systeem en zijn oplossing van de werkloosheid te bestuderen, maar natuurlijk spraken ze ook over de Eerste Wereldoorlog en de Duits/Britse betrekkingen. Naar aanleiding van deze ontmoeting zou Lloyd George over Hitler gezegd hebben dat hij een geboren leider was die de wil had de sociale problemen in zijn land op te lossen.
Deze sympathie voor Hitler bleef in Groot-Brittannië overigens niet beperkt tot Lloyd George. In 1937 kwamen namelijk ook de hertog en hertogin van Windsor naar de Berghof. De hertog was de voormalig koning van Engeland, Edward VIII. Hij had afstand van de troon gedaan in verband met zijn partnerkeuze. Edward zou een zekere sympathie voor het nationaal-socialisme hebben gehad. Hitler vermoedde in ieder geval dat Edward de man geweest had kunnen zijn via wie hij een bongenootschap had kunnen sluiten met Engeland. Eva Braun mocht zich tijdens het bezoek van de Koninklijke hoogheden niet vertonen; zij bleef tijdens het bezoek op haar slaapkamer.

In november van hetzelfde jaar kwam Lord Halifax, de latere Britse minister van Buitenlandse Zaken naar de berg in Beieren. Hij was door Göring uitgenodigd voor een tentoonstelling over jagen. Terwijl de wens van Hitler delen van Tsjechoslowakije te anexeren op dat moment al onderwerp van een internationale discussie was, kwam Lord Halifax zonder nieuwe voorstellen over deze kwestie naar de Berghof voor een onderhoud met Hitler. Het gesprek verliep dan ook in eerste instantie niet naar Hitlers wens. Maar ongepland begon Halifax toch over de situatie in Oostenrijk en Tsjechoslowakije, waardoor Hitler hierop kon inhaken door zijn claims op deze gebieden duidelijk te maken en te wijzen op de onderdrukte Sudeten-Duitsers. Halifax kon zonder instemming van het parlement geen enkele toezegging doen. Zijn analyse achteraf was dat Hitler geen militaire acties zou beginnen.

Op 12 februari 1938 kwam de Oostenrijkse kanselier Schuschnigg naar de Berghof omdat de spanningen in Oostenrijk, door toedoen van de Oostenrijkse nazi's, opliepen. Een tierende Hitler zette Schuschnigg zwaar onder druk en liet hem een ultimatum ondertekenen. Dit betekende dat de Oostenrijkse regering door de nazi's zou worden overgenomen. Schuschnigg ondertekende, maar hij kreeg nog een paar dagen de tijd om het verdrag voor te leggen aan de regering. Na een periode van een grote druk op Oostenrijk trokken Duitse troepen op 12 maart 1938 het land binnen tijdens de zogenaamde Anschluss.

Konrad Henlein was de leider van de Sudeten-Duitsers in Tsjechoslowakije, een partij die naarmate de wens van Hitler om het land te annexeren sterker werd, steeds meer naar Hitlers pijpen ging dansen. Terwijl in 1938 de Tsjechen al behoorlijk onder druk werden gezet, wilde Hitler dat de leden van Henleins partij incidenten zouden uitlokken, om een reactie uit Duitsland noodzakelijk te doen lijken. Op 2 september kwam Henlein naar de Obersalzberg, maar Hitler liet niets los over een eventuele inval in Tsjechoslowakije. Vlak na het bezoek besloot Hitler om op 1 oktober het land binnen te vallen. De Engelsen gooiden echter roet in het eten.
Twee weken na Henleins bezoek kwam namelijk Neville Chamberlain naar de Obersalzberg. Hitler en Chamberlain spraken met elkaar onder vier ogen, maar het lukte Hitler niet Chamberlain onder druk te zetten met de emotionele uitvallen waarmee hij wel vaker succes had gehad. Chamberlain onderbrak Hitler en gaf aan dat hij niet begreep wat hij op de Obersalzberg kwam doen als Hitlers besluit om Tsjechoslowakije aan te vallen toch al vaststond. Hitler bond in, met als resultaat dat er vervolggesprekken werden gehouden in Bad Godesberg en op een internationale conferentie in München. Hitler kreeg uiteindelijk toch zijn zin. Sudeten-Duitsland op 29 september 1938 officieel bij Duitsland gevoegd. Maar in januari 1939 ging Hitler alweer naar de Obersalzberg om na te denken over buitenlands beleid. En dat betekende weer weinig goeds voor Tsjechoslowakije. In maart 1939 annexeerden de Duitsers de rest van Tsjechoslowakije.

De Poolse kwestie werd ook al voor een deel voorbereid in de Berghof. Oost-Pruisen en Danzig waren door het verdrag van Versailles van Duitsland gescheiden door de zogenaamde Poolse corridor. Dat zinde Hitler in het geheel niet. Hij nodigde daarom in januari 1939 de Poolse minister van Buitenlandse Zaken, Joseph Beck, uit om over de kwestie te praten. Vreemd genoeg gedroeg Hitler zich erg beleefd. Hij stelde een deal voor die inhield dat Polen een deel van Tsjechoslowakije zou krijgen als Duitsland Danzig terugkreeg en er een corridor richting Oost-Pruisen kwam. Duitsland en Polen zouden dan afspraken maken over de te volgen tactiek in de richting van de Sovjet-Unie. Ook zouden de beide landen er samen aan gaan werken de Joden uit Polen te verdrijven. Omdat Beck juist goede banden met de Sovjet-Unie had opgebouwd, ging hij met Hitlers voorstellen niet akkoord. In de Sovjet-Unie zou het immers zeker niet gewaardeerd worden als Beck ook verregaande afspraken met de Duitsers zou maken. Zijn goede banden met de Sovjet-Unie wilde hij klaarblijkelijk niet op het spel zetten.

Om het Westen buiten het conflict met Polen te houden werd vervolgens op 11 augustus 1939 de hoge commissaris van de Volkenbond in Danzig, Carl Burckhardt, naar de Obersalzberg gehaald. Hij ontmoette Hitler in het Kehlsteinhuis omdat dat een uitstekende plek was om gasten te imponeren. Hitler dreigde Polen direct binnen te vallen als daar ook maar de geringste aanleiding voor was, maar hij zei dat wanneer de Polen Danzig verlieten, hij niet per se een oorlog hoefde te voeren. Deze boodschap nam Burckhart mee naar de Britten en Fransen, die er echter niet al te veel mee deden. Een dag later kwam graaf Galeazzo Ciano, de schoonzoon van Benito Mussolini, ook naar de Berghof omdat de Italiaanse dictator de dreigende oorlog wilde voorkomen. Italië wilde en kon namelijk niet deelnemen aan zo'n oorlog omdat het leger er niet klaar voor was. Ciano bracht dit naar voren, maar Hitler legde uit dat hij dacht dat Engeland en Frankrijk zich er ook dit keer niet mee zouden bemoeien. Ciano begreep dat Hitler aanstuurde op een oorlog en gaf dit door aan Mussolini.

Het niet-aanvalsverdrag tussen Duitsland en Sovjet-Unie vond zijn basis in een telegram van Hitler aan Stalin. Op 21 augustus 1939, tijdens het avondeten in Hitlers villa op de Obersalzberg, ontving Hitler hierop een positieve reactie van Stalin. Minister van buitenlandse zaken, Joachim von Ribbentrop kon naar Moskou komen om een verdrag te ondertekenen. Twee dagen later was Von Ribbentrop in Moskou. Hitler was nog steeds op de Obersalzberg. 's Nachts om twee uur belde Von Ribbentrop met de mededeling dat het verdrag een feit was. Het vreemde verdrag tussen de landen die elkaars aartsvijanden waren, werd gebracht als een groot succes, maar, zoals bekend: het zou niet lang standhouden.

Toen Hitler na de invasie van Frankrijk in 1940 weer op zijn vaste vakantieadres was, dat in verband met de oorlog inmiddels ook dienst deed als 'Führerhauptquartier', stond eigenlijk vooral Groot-Brittanië op het programma. Een invasie van Engeland leek nog steeds serieus tot de mogelijkheden te behoren, maar Hitler bleek ook ideeën te hebben over een invasie van de Sovjet-Unie. In de legerleiding was een oorlog op twee fronten lang onbespreekbaar geweest. Hitler had echter in juli 1940 op de Berghof een gesprek met generaal Alfred Jodl, lid van het oppercommando van de Wehrmacht, over de mogelijkheid om in de herfst van 1940 de Sovjet-Unie binnen te vallen. Jodl gaf aan dat het op zo'n korte termijn niet mogelijk was genoeg troepen bijeen te brengen. De haalbaarheid van zo'n inval werd wel nader onderzocht, zonder dat het bekend mochten worden. Toch wisten er binnen het leger al zoveel mensen van, dat de Wehrmacht operationele plannen voor een inval al klaar had liggen.

Op 31 juli vond in de Berghof een bijeenkomst plaats van de militaire top. Ook nu weer werd een invasie van Groot-Brittanië besproken. Hitler stelde voor eerst te beoordelen wat de effecten waren van de bombardementen op Britse steden. Als die groot genoeg waren, zou een invasie kunnen plaatsvinden. Zo niet, dan zou de Sovjet-Unie aan de beurt zijn. Want als Duitsland de Sovjet-Unie zou verslaan, zouden de Britten weten dat ze geen schijn van kans hadden. Dat Hitler met deze veronderstelling de Sovjets nogal onderschatte, werd later duidelijk.
De bombardementen op Groot-Brittannië kwamen op 13 augustus op gang, maar ze waren veel minder succesvol dan verwacht. De Britten reageerden op 25 augustus 1940 met het eerste bombardement op Berlijn. De plannen voor een invasie van Groot-Brittannië kwamen dus op een zacht pitje te staan en in september stelde Hitler de invasie voor onbepaalde tijd uit.

Ook koning Boris van Bulgarije kwam in 1940, op 18 november, naar de Berghof voor een bespreking met Hitler. De Sovjet-Unie wilde graag een verdrag met Bulgarije, maar Hitler wilde het land nu juist als uitvalsbasis gebruiken voor zijn aanval op de Sovjet-Unie. Alhoewel koning Boris een bewonderaar was van Hitler, liet hij in eerste instantie geen Duitse troepen toe op Bulgaarse bodem. Die kwamen pas in maart 1941.
Op 19 november 1940 kwam ook koning Leopold van België langs. Hij probeerde het koningshuis te redden, wilde dat België onafhankelijk bleef en hij vroeg om verlichting van een aantal Duitse maatregelen. Hitler ging hier niet op in.

Ook in 1941 ontving Hitler nog een aantal belangrijke buitenlandse gasten op de Obersalzberg, zoals minister-president Bogdan Filoff van Bulgarije, generaal Antonescu van Roemenië, Mussolini, de Japanse ambassadeur Heroshi Oshima en Ante Pavelic, de fascistische leider van Kroatië. Daarna werd de frequentie van dit soort bezoeken op de Obersalzberg steeds lager. Hitler bracht steeds meer tijd door in zijn 'Führerhauptquartier' de Wolfsschanze in Oost-Pruisen, om de oorlog met de Sovjet-Unie te coördineren. Hij gebruikte het nabijgelegen slot Klessheim bij Salzburg nog wel regelmatig voor besprekingen met buitenlandse bondgenoten.


Een dag op de Berghof

Zo rond 1935 hield Hitler er nog een redelijk gestructureerd leven op na. Om tien uur 's ochtends begonnen bijvoorbeeld de eerste besprekingen met de staf of nazi-kopstukken al. Die duurden dan tot twee uur. Pas daarna werd er geluncht. Deze vaste dagindeling schijnt Hitler, zeker als hij op de Obersalzberg was, steeds meer te hebben losgelaten. In de Berghof verscheen Hitler vaak pas vlak voor de lunch. 's Middags werd er gewandeld en 's avonds keek hij naar films, zo zegt Fritz Wiedemann, adjudant van Hitler. Ian Kershaw zegt hierover dat Hitler weer verviel tot de oppervlakkige levensstijl die hem tijdens zijn jeugd in Linz en Wenen zo goed was bevallen.

De dagen op de Berghof verliepen echter wel vaak op dezelfde, voor de frequente bezoekers vaak vervelende, manier. Hitler ging meestal pas laat slapen en 's morgens sliep hij meestal uit tot een uur of elf. Tot die tijd hield iedereen op de Berghof zich gedeisd en zelfs arbeiders op de berg probeerden zo weinig mogelijk overlast te veroorzaken. Alleen bij dringende zaken, werd Hitler eerder gewekt door een van zijn adjudanten. Bijvoorbeeld op zondagmorgen 11 mei 1941 toen de adjudant van Rudolf Hess het bericht kwam brengen dat Hess naar Groot-Brtittanië was gevlogen om te onderhandelen over vrede. Op de ochtend van de invasie in Normandië op 6 juni 1944 liet men Hitler echter slapen, omdat men vermoedde dat het om een schijnaanval ging, zoals al vaker het geval was geweest.
Op een rustige ochtend nam Hitler meestal eerst de post door en daarna maakte hij zich klaar voor het ontbijt. Na het ontbijt verdween hij naar de conferentiezaal (de zaal met het grote venster) om rapporten door te kijken en besluiten te nemen. Vaak meldden zich dan verschillende hoge militairen die op een gesprek met de Führer wachtten. Bekend zijn de filmbeelden van het enorme terras van de Berghof waarop privégasten en militairen samen in de zon rondhangen, wachtend op Hitler. Albert Speer, Hitlers favoriete architect, vertelde hier later over: 'De sfeer was uiterst informeel, maar ook uitgesproken vervelend en zonder enige afwisseling. Op den duur hadden we elkaar niet meer zoveel te zeggen.'

Als Hitler klaar was met werken, kwam hij naar de gasten die zich zolang in een ander vertrek, of bij mooi weer op het balkon vermaakten met wachten. Daarna werd het middageten opgediend en gingen de gasten naar de eetzaal, die zich in een zijvleugel van de Berghof bevond.

Na het eten volgde de wandeling naar het theehuis op de Mooslahnerkopf. Dit was een klein theehuisje op een half uur bergafwaarts van de Berghof. Hitler had het zelf laten bouwen op een plek met een prachtig uitzicht op de omgeving. Om daar nog beter van te kunnen genieten was een uitzichtpunt gecreëerd. In het theehuis werd koffie en thee maar ook alcohol gedronken en omdat Hitler erg van zoete dingen hield, kon men er allerlei soorten gebak nuttigen. Ook hier verviel Hitler vaak in een van zijn bekende lange monologen. Vaak hadden de gasten die verhalen al dikwijls gehoord. Soms viel Hitler na zo'n monoloog in slaap. Eva Braun wekte hem als het tijd was om terug te gaan naar de Berghof. Meestal ging men met een aantal auto's terug naar de Berghof.

Weer in de Berghof aangekomen, trok Hitler zich vaak even terug om bij het avondeten in de conferentiezaal weer tevoorschijn te komen. De bediening, tafelschikking en verzorging was altijd strak geregeld, omdat Hitler daarop stond. Hitler zat in het midden, Eva Braun zat links van hem en de belangrijkste gast zat tegenover hen. Hitler dronk nauwelijks alcohol en als hij al dronk, dan meestal bier met een speciaal voor hem verlaagd alcoholpercentage. Ook at hij sinds het begin van de jaren dertig vegetarisch. Zijn gasten mochten wel wijn en bier drinken en zij aten ook vlees. Maar Hitler, die tijdens het eten vaak voortdurend aan het woord was, kon het soms niet laten uitgebreid stil te staan bij allerlei slachtrituelen. Toch waren de meeste gasten ook al aan deze verhalen gewend en aten ze ongestoord door. Na het diner volgde nog een aantal besprekingen met militairen of politici. De andere gasten gingen dan naar een andere ruimte waar Hitler na de bespreking ook naartoe kwam. Vervolgens begon het avondprogramma.

De avondlijke uurtjes met de gasten werden doorgebracht in de grote zaal bij de open haard. Vaak hield Hitler tot diep in de nacht lange monologen, waarbij vooral herinneringen en plannen voor de toekomst de boventoon voerden, voor een lang niet altijd geïnteresseerd publiek. Maar er werd ook naar films gekeken. Achter een wandtapijt hing namelijk een filmscherm. Als Hitler een film wilde zien, trok men het tapijt omhoog. Vooral niet-politieke, buitenlandse films waren populair onder de gasten. Verder stond er een vleugel waarop sommige gasten speelden. Of er werden platen gedraaid. Hitlers favoriete componisten waren Bruckner, Beethoven, Richard Strauß, Hugo Wolf, Brahms, Schubert, Schumann en Wagner. Tot diep in de nacht zaten de gasten bijeen. Van groepsgesprekken was vaak nauwelijks sprake omdat de ruimte erg groot was en de opstelling van de meubels een gesprek in groter verband lastig maakte. De gesprekken gingen vaak over onbeduidende zaken. Albert Speer zou later over het gemeenschappelijke leven op de Obersalzberg zeggen dat er in zijn herinnering vooral een opvallende leegheid overheerste. Van de honderden theegesprekken over theater, film, operette en het familieleven van de gasten, was blijkbaar weinig blijven hangen. Hitler sprak nauwelijks over Joden, concentratiekampen of over politieke vijanden.

Meestal verliep een avond op de Berghof dus in een saaie harmonie, maar af en toe was er iemand die het waagde moeilijke vragen te stellen. Een bekend voorval speelde zich af rond Henriette von Schirach, de dochter van Heinrich Hoffmann. Zij kende Hitler al uit de twintiger jaren, toen zij nog een jong meisje was en Hitler vaak bij haar vader thuis of in de winkel kwam. Zij kon dus, dacht ze, op redelijk vriendschappelijke wijze met Hitler omgaan. Naar het schijnt ging ze daarbij in het begin van 1943 veel te ver. Tijdens een verblijf in de Berghof sprak ze tijdens het avondlijke samenzijn Hitler aan over de deportatie van Joodse vrouwen die ze had gezien in Amsterdam. Hitler werd woedend en zei volgens Von Schirach dat de Hollandse Jodinnen haar niets aangingen. 'U moet leren haten…,' waren zijn woorden. Von Schirach liet Hitler schreeuwen en vertrok naar haar slaapkamer. Haar man, Baldur, zou op dat moment in de kantine hebben gezeten om een pijp te roken. Nadat ze hem had ingelicht verdwenen ze om vijf uur 's ochtends in een kleine sportauto naar het dal. Los van het feit dat er verschillende versies van dit verhaal bestaan, is het goed op te merken dat Baldur von Schirach verantwoordelijk was voor het deporteren van 60.000 Joden uit Wenen en dat hij daarvoor veroordeeld werd tot 20 jaar gevangenschap in Nürnberg. Henriette wist hier dus van, zeker toen zij dit verhaal, ver na de oorlog, opnam in haar boek over deze periode.

De normale avonden op de Berghof eindigden meestal nadat Eva Braun om een uur of twee naar boven ging. Hitler verdween daarna ook al snel. De gasten dronken daarna soms nog wat en gingen dan naar hun eigen huis op de berg of naar hun kamer in de Berghof.


Het vertrek

Terwijl het op 26 mei 1944 allang duidelijk was dat de oorlog een aflopende zaak was, vond op de Obersalzberg een belangrijke bijeenkomst plaats van generaals en ander hoge officieren. Hitler sprak ze toe met het doel het saamhorigheidsgevoel van de legerleiders te vergroten. Hij sprak echter vooral over rassenkwesties. Het superieure Duitse volk zou de Joden moeten uitroeien omdat anders de rollen omgedraaid zouden worden: de Joden zouden dan de Duitsers uitroeien.
Niet al te lang daarna, op 14 juni 1944, verliet Hitler de Obersalzberg voor de laatste keer, om de strijd tegen de Sovjet-Unie weer vanuit de Wolfsschanze te leiden. Om vervolgens in november 1944 vanuit Polen te vertrekken naar Berlijn. Hij zou de stad alleen nog verlaten voor een incidenteel frontbezoek en het Ardennen-offensief.

Maar terwijl Adolf Hitler en Eva Braun in de bunker in Berlijn het einde van de oorlog tegemoet gingen, zat Hermann Göring nog steeds op de Obersalzberg en ook het gezin van Martin Bormann was er nog. Bormann zelf was meestal in Berlijn, net zoals bijvoorbeeld Dr. Theodor Morell, die bij Hitler moest blijven tot vlak voor zijn zelfmoord.
Op de laatste verjaardag van Hitler, op 20 april 1945, verlieten de twee secretaresses Johanna Wolf en Christa Schroeder op bevel van Hitler de zwaar bestookte bunker in Berlijn om naar de Obersalzberg te gaan. Met een vliegtuig vertrokken ze naar het zuiden. Toen ze na een gevaarlijke vliegreis aankwamen in de Berghof waren de moeder en de hoogzwangere zus van Eva Braun en haar vriendin Herta Schneider nog steeds daar, samen met adjudant Jesko von Putkammer. Dr. Morell, Hitlers lijfarts, was de bunker in Berlijn ook levend ontvlucht en hij kwam een paar dagen later. Maar hij vertrok al weer snel. Albert Bormann, de broer van Martin Bormann, die een hoge functie had in de NSDAP en lid was van de Rijksdag, had Berlijn ook al verlaten en hij verbleef in het hotel Berchtesgadener Hof in Berchtesgaden. Af en toe kwam hij naar boven om de voorraden in het hotel aan te vullen met het eten en drinken waarmee de voorraadkamers in de bunkers op de berg vol waren gestopt.

Albert Bormann meldde zich op de 23 april 1945 in Görings landhuis op de berg. Op Görings bevel moest hij allerlei belangrijke papieren vernietigen. Albert Bormann zou naar aanleiding van dit bezoek het idee hebben gehad dat Göring zich al opvolger van Hitler waande. Dat bleek ook uit wat er 's avonds gebeurde. Die avond werd de Berghof namelijk omgeven door SS'ers. Niemand mocht er meer in of uit. Het was de aanwezigen niet precies duidelijk waarom dat gebeurde, maar Göring bleek gearresteerd te zijn omdat hij een later beroemd geworden telegram aan Hitler had verstuurd waarin hij vroeg of Hitler nog in staat was zelfstandig besluiten te nemen. Als dat niet zo was, zou Göring de macht overnemen. Martin Bormann, die bij Hitler was, legde dit bericht uit als een staatsgreep en Göring werd opgepakte en opgesloten in een kasteel in Oostenrijk. Daar bevrijdden soldaten van de Luftwaffe hem, maar hij besloot zich over te geven aan de Amerikanen, die hem in mei 1945 oppakten in de Oostenrijkse regio Pinzgau.


De Alpenvesting

Reichsführer-SS Heinrich Himmler speelde in het begin van 1944 met het idee in de Alpen een bolwerk van verzet te organiseren. Vanuit dit verzetsnest zou Duitsland bevrijd kunnen worden als de coalitie tussen Amerika en de Sovjet-Unie brak. Het idee werd nooit serieus uitgewerkt, maar het lukte de Duitsers wel de Amerikaanse opmars naar Berlijn af te buigen door verhalen over de Alpenvesting bij de geallieerden terecht te laten komen. De Amerikaanse Geheime Dienst nam de suggestie van de Alpenvesting zo serieus dat men bijna teleurgesteld was toen generaal George Patton het bestaan ervan niet kon bevestigen.
Toch zat er ook een zekere realiteit achter het idee. Zowel Hitler als de legerleiding twijfelden er niet aan dat Duitsland in twee delen uiteen zou vallen. Als het zou lukken het noordelijke en het zuidelijke deel afzonderlijk van elkaar te blijven verdedigen totdat er een conflict zou ontstaan tussen de Sovjets en de Westerse geallieerden, had Duitsland nog een kans. Als legergroepen uit Italië, Oostenrijk en het westen samentrokken in het zuiden van Duitsland, kon Martin Bormann daar de leiding nemen.
Dat er verzetsplannen waren, bleek ook uit een ander initiatief van Himmler, de actie Werwolf. Himmler liet SS-Obergruppenführer Hans-Adolf Prützman commando-eenheden samenstellen die zich met ondergrondse activiteiten achter de vijandelijke linies bezighielden, zoals sabotage en aanslagen. Werwolf was echter in meerdere regio's in Duitsland actief en de verzetsorganisatie had weinig te maken met de Alpenvesting in het zuiden van het land. Op 5 mei 1945 werden de Werwolf-acties door Grossadmiral Karl Dönitz, de opvolger van Hitler, illegaal verklaard.
Franz Hofer, de gouwleider van Tirol, zou ook al in 1944 een uitgewerkt plan hebben gehad voor de verdediging van Zuid-Duitsland aan het einde van de oorlog. Omdat de slagingskansen van het Ardennen-offensief serieuzer werden genomen, werd er met dit plan in eerste instantie niets gedaan. Alleen Goebbels zag wel wat in de suggestie van een onneembare vesting in het zuiden. Hij liet zijn medewerkers van het ministerie van Propaganda hierover geruchten verspreiden, zodat het plan in ieder geval nog invloed zou hebben op de moraal van het volk en het de vijand in het Westen zou bezighouden.

De Obersalzberg was een goed beveiligd vakantieoord maar geen onneembare vesting. In oorlogstijd werd de Berghof wel benoemd tot Führerhauptquartier, maar dat gold voor elke plek waar Hitler zich in oorlogstijd langere tijd ophield. De beveiliging was ingericht zoals bijvoorbeeld de Wolfsschanze in Oost-Pruisen en het Felsennest in Nordrhein Westfalen: met drie ringen van beveiliging rondom de plek waar de Führer verbleef, en met een vliegveld in de buurt. Als ervoor gekozen was de Obersalzberg echt te verdedigen, had dit nog wel een probleem kunnen zijn geweest voor de geallieerden, maar Hitler was in de laatste weken van zijn leven nooit van plan nog naar de Obersalzberg te vluchten. Van een echte Alpenvesting was dus nooit echt sprake geweest.


De vernietiging

Op 25 april 1945 klonken tegen half tien 's morgens sirenes over de berg. Meer dan 300 Amerikaanse bommenwerpers kwamen aanvliegen over de Hoher Göll, een berg van 2500 meter hoog die ten zuiden van de Obersalzberg ligt, op wat nu weer de grens is tussen Duitsland en Oostenrijk. Zij kwamen de zogenaamde Alpenvesting bombarderen. Iedereen die toen nog op de Obersalzberg was, zoals de zus van Eva Braun en een aantal secretaresses, zocht een veilig heenkomen in de bunkers onder de gebouwen. Pas om half drie 's middags konden ze de bunker weer uit. Toen bleek dat bijna alle huizen en gebouwen waren verwoest of enorm beschadigd. Van de Berghof stonden de muren nog, maar alle deuren en vensters waren weg en binnen was er ook niet veel meer intact. De Platterhof, de SS-kazerne, het huis van Göring, het huis van Bormann en veel andere gebouwen waren veranderd in ruïnes.
Bijna iedereen die in de schuilkelders het bombardement had overleefd, maakte zich uit de voeten. Greta Fegelein-Braun en Herta Schneider vertrokken naar Garmisch. Degenen die geen plek hadden om heen te gaan, richtten de bunker in als tijdelijke woning. Hitlers adjudant Julius Schaub kwam nog uit Berlijn naar de Obersalzberg om alle overgebleven papieren, brieven en aktes van de Führer te vernietigen. Op het terras van de Berghof verbrandde hij het meeste materiaal.

Toen op 1 mei bekend werd dat Hitler een dag eerder zelfmoord had gepleegd, kwam de bevolking van Berchtesgaden een kijkje nemen op de Obersalzberg. Bijna iedereen had de berg al verlaten en dus legde niemand de bevolking een strobreed in de weg toen het plunderen van de gebouwen en bunkers begon. De modelboerderij Gutshof werd leeggehaald, waarbij ook de dieren werden meegenomen. En ook de Platterhof werd leeggeroofd. Maar vooral de voorraadkamers van de bunkers, die nog vol lagen met eten en drinken, kregen veel bezoekers. Görings wijnkelder werd ook leeggehaald. Zijn verzamelde kunstwerken waren al weggehaald en onder andere in een tunnel in zijn trein in het dorp Berchtesgaden gezet. Na de plunderingen zette een aantal overgebleven SS'ers de Berghof in brand, waarna ook zij verdwenen. Secretaresse Schroeder, een van de laatste bekenden die in de bunkers van de Berghof verbleven, voegde zich tijdelijk bij Albert Bormann en een aantal andere bekenden in de regio.

De inname van de regio Berchtesgaden werd voor de geallieerden veel minder moeilijk dan gedacht. De Obersalzberg bleek geen Alpenvesting, dus het bombardement was niet erg zinvol geweest. De belangrijkste nazi's waren er allang niet meer, zelfs Göring niet.


De Obersalzberg in 2010

Direct na het einde van de oorlog kwam een stroom van Duitse bezoekers naar de Obersalzberg. De Amerikanen plaatsten daarom het gebied vrij snel onder hun directe gezag. Het gebied werd weer vrijgegeven in 1951, maar eerst werden de huizen van Göring en Hitler opgeblazen en afgebroken, omdat de Amerikanen niet wilden dat de plek veranderde in een nazi-pelgrimsoord. Op de symbolische datum van 30 april 1952 om 17.05 uur (precies zeven jaar na Hitlers zelfmoord) werd de Berghof opgeblazen. De resten werden samen met die van de huizen van Bormann en Göring verwijderd. De Platterhof werd gerestaureerd en omgedoopt tot het General Walker Hotel en gebruikt door Amerikaanse militairen. Vier jaar nadat de Amerikanen in 1996 verdwenen, werd het hotel gesloopt. Bij de parkeerplaats op de Obersalzberg staat nog een klein gedeelte van het hotel overeind.

Behalve wat restanten en een moeilijk toegankelijke ingang van het bunkersysteem, is er van Bormanns huis niets meer over. Van de villa met het zwembad van Hermann Göring is, zeker na de bouw van het Intercontinental Resort op de 'Göringheuvel', ook helemaal niets meer te vinden. De beide huizen van Albert Speer, die iets verderop lagen, zijn er nog wel. Ze zijn privébezit. Omdat de berg ook nu nog veel toeristen trekt, is het de partijkanselarij van Bormann verbouwd tot documentatiecentrum over het verleden van de berg. In het bos, bij de parkeerplaats waar in de zomer het vertrekpunt van de bus naar het Kehlsteinhuis is, zijn zelfs nog de fundamenten van het Kampfhäusl, het kleine huisje waar Hitler Mein Kampf ten dele schreef, te vinden.

Volgens het documentatiecentrum Obersalzberg bezoeken jaarlijks meer dan 150.000 mensen de berg. Een van de belangrijkste toeristische attracties is het Kehlsteinhaus, dat ligt op de top van de berg Kehlstein. De ruïnes van het kleine theehuis op de Mooslahnerkopf bleven tot 2005 liggen. Daarna werden ze verwijderd. Het uitzichtpunt dat erbij hoorde, bekend van veel historische foto's van Hitler, is er nog wel. Ook Hotel Zum Türken is er nog steeds evenals de Gutshof, waar nu onder andere een golfclub is gevestigd.

De bunkers van de Obersalzberg zijn op twee verschillende plekken toegankelijk. Via het documentatiecentrum kan men bijvoorbeeld in de personeelsbunkers en de telefooncentrale komen. In hotel Zum Türken is ook een bunkeringang die toegankelijk is voor bezoekers. Hier kan men vlakbij de kamers van Adolf Hitler, Eva Braun en Theodor Morell komen. De gang naar de vertrekken is echter dichtgemetseld omdat er sprake zou zijn van instortingsgevaar. Vermoedelijk zijn de vertrekken ontoegankelijk gemaakt om te voorkomen dat het bedevaartsoorden van sympathisanten van het Hitler-regime worden. Vlak na de oorlog vonden in de vertrekken van Hitler en Eva Braun zelfs trouwrituelen plaats. Op de berg zijn nog verschillende andere uitgangen van het bunkersysteem, maar meestal zijn die afgesloten of op een of andere manier ontoegankelijk gemaakt.

Wie nu in het dorpje Berchtesgaden de oude begraafplaats in het centrum bezoekt, vindt op een vrij prominente plek het graf van Hitlers mentor, Dietrich Eckart, die na Hitlers mislukte poging om de macht in München te grijpen, stierf in Berchtesgaden. De man die Adolf Hitler introduceerde in de regio ligt tegenover de omheining van de begraafplaats waaraan diverse gedenkstenen bevestigd zijn van jonge mannen die gestorven zijn op de verschillende slagvelden van de Tweede Wereldoorlog. Hun lichamen zijn nooit teruggevonden.


Bronnen

Boeken


Versie: 21-5-2016 Artikel door: Sjoerd de Boer

Deze website is een initiatief van STIWOT (Stichting Informatie Wereldoorlog Twee) Alle rechten voorbehouden © 2002--2017
Directe link: http://www.go2war2.nl/artikel/1946/Obersalzberg-rustoord-of-Alpenvesting.htm