Ardennenoffensief

Hitlers plan

Terwijl de Amerikanen een van hun bloedigste gevechten in het Hürtgenwald leverden, waren in Duitsland de voorbereidingen gaande voor een enorm offensief dat de Duitse successen uit 1940 moest herhalen. Het offensief was gepland in de minst goed verdedigde sector van het geallieerde front. Het moest door Heeresgruppe B, onder het commando van General Walter Model, ingezet worden.

Wacht am Rhein
Het plan van Hitler zag er in grote lijnen als volgt uit:

De opmars van de 6.Armee moest worden versneld door een tweetal speciale operaties. Er zou een groep parachutisten, onder bevel van Leutnant-Kolonel Friedrich von der Heydte, landen bij Verviers (Operatie Stösser). Hun taak was om enkele belangrijke verkeersknooppunten in te nemen. Ook zou er een speciale eenheid, de 150.Brigade onder bevel van Obersturmbannführer Otto Skorzeny, de bruggen bij Amay en Huy innemen. Zij zouden uitgerust zijn met Amerikaanse uniformen en voertuigen (Operatie Greif). Na het innemen van de bruggen moesten zij zoveel mogelijk onrust zaaien onder de geallieerde troepen in de Ardennen. De aanval zou volgen op een hevige, maar korte artilleriebeschieting. Gedurende de operatie zouden Luik en Antwerpen worden bestookt met V1- en V2-raketten. Uur U was vastgesteld voor 5:30 op 16 december. Antwerpen moest op 23 december in Duitse handen zijn.

Aangezien de krachtsverhoudingen tussen de geallieerde en Duitse legers in het nadeel van de Duitsers uitvielen, moest de aanval een complete verrassing zijn. Om deze reden werd de operatie strikt geheim gehouden. Slechts enkele hoge officieren werden door Hitler vooraf op de hoogte gesteld. Berichten met betrekking tot de operatie mochten alleen mondeling worden overgebracht zodat zij niet door de geallieerden konden worden onderschept. Er werden berichten naar de geallieerden gelekt over een op handen zijnde tegenaanval die een geallieerde opmars tussen de Roer en Rijn moest tegenhouden. Een concentratie van Duitse troepen zou om deze reden niet al te veel opvallen. Zelfs de naam van de operatie, ‘Wacht am Rhein’ werd gebruikt als misleiding. Dit moest doen denken aan een defensieve actie.

Kanttekeningen
Veel Duitse commandanten waren het niet eens met het plan van Hitler. Velen vonden het te ambitieus, of zelfs geheel onrealistisch. Walter Model, Gerd von Rundstedt en Hasso von Manteuffel hadden alle drie hun twijfels over de brandstof die nodig was. Ze vroegen zich af of er wel zoveel brandstof op tijd bij elkaar gekregen kon worden. Hun zorgen over de brandstof bleken gegrond. Hitler had Generalfeldmarschall Wilhelm Keitel de taak toegewezen om de benodigde brandstof, 28 miljoen liter, te verzamelen. Hij wist inderdaad de 28 miljoen liter bij elkaar te krijgen, maar slechts de helft hiervan bevond zich op de westoever van de Rijn. De rest bevond zich nog in voorraaddepots.

Von Manteuffel had meer kanttekeningen bij het plan van Hitler. De oorspronkelijke dag van het begin van het offrensief was 25 november, maar op zijn aandringen werd dit 10 december. Later werd dit nog eens verzet naar de 14e. Ook werd de tijd tussen de artilleriebeschieting en de infanterieaanval verkleind. Hier zou eerst 3,5 uur tussen zitten, zodat de Luftwaffe de hoofdkwartieren in de Ardennen kon bombarderen. Dit leek Von Manteuffel nutteloos, omdat het de verrassing uit de aanval zou halen. Dit verrassingselement was cruciaal aangezien de Duitse infanterie niet meer zo goed was als in de eerste jaren van de oorlog en omdat het door Hitler opgestelde tijdschema erg krap was voor een operatie op een dergelijk moeilijk te doordringen terrein als de Ardennen. Von Manteuffel zei later over het plan: “Het leek mij in meerdere opzichten dwaas.”

Dergelijke uitspraken werden door verscheidene Duitse commandanten gedaan. Zij illustreren het wantrouwen dat zij hadden in een goede afloop van de operatie. Zo zei Feldmarschall Gerd von Rundstedt, die van mening was dat er veel meer divisies nodig waren om de Maas te bereiken:
“Het was duidelijk dat de beschikbare troepen veel te gering in aantal waren. Maar ik was er intussen al achtergekomen dat het zinloos was om bij Hitler de haalbaarheid van iets te betwisten.”

De twijfels van de Duitse commandanten werden misschien nog wel het beste verwoord door SS-Obergruppenführer Josef Dietrich:
“Alles wat Hitler van me wil is dat ik een rivier oversteek, Brussel verover en dan verder optrek en Antwerpen inneem. En dat allemaal in de slechtste periode van het jaar, en door de Ardennen als de sneeuw heupdiep is en er geen ruimte is om vier tanks voorop te plaatsen, laat staan om pantserdivisies in te zetten. Een periode dat het om 8 uur nog niet licht is en om 4 uur alweer donker en dat met hervormde divisies, voornamelijk bestaande uit jochies en zieke oude mannen – en met Kerstmis.”


Bronnen

Boeken


Versie: 7-6-2010 Artikel door: Pieter Schlebaum

Deze website is een initiatief van STIWOT (Stichting Informatie Wereldoorlog Twee) Alle rechten voorbehouden © 2002--2013
Directe link: http://www.go2war2.nl/artikel/1693/Ardennenoffensief.htm